Ruth
In het gesprek gisteren had ik gezegd dat ik misschien tekstanalyses kan maken, onder controle, over Bijbelboeken, ook om die interessant te maken voor mensen uit seculiere kring zoals ik oorspronkelijk.
Laat ik daar nog eens over nadenken in het licht van het boek Ruth. In 2022 had ik een eerste poging gedaan aansluiting te vinden bij het christendom. Dat was toen mislukt omdat ik flink teleurgesteld was.
Die teleurstelling werkte nog door aan het begin van het Pinksterweekend. Ik moest toen op zaterdagmiddag een kind van de weg plukken, die bij zijn oma was ontsnapt: het gaf mij het gevoel: “wat een chaos weer”.
Daarna op de zondagdienst een bericht over een overleden kind, en dan val ik om: allemaal teleurstellingen, maar ik kwam juist voor vrolijk nieuws
Maar dit wil ik gaan oplossen. Ik lig redelijk op koers met het schrijven van stukjes denk ik. En ik kan misschien ook even ingaan op het boek Ruth.
Daar raakte in in 2022 over in discussie met mensen van CVandaag, ik vond dat ze slordig lazen. En dat is jammer, want er zit gigantisch veel in de tekst dat eruit te halen is.
De kern van het Evangelie
Ik had gisteren een interessant gesprek, en in het gesprek gisteren hadden zij het over het lezen van de geestelijke betekenis van de tekst.
Ik zat te denken of ik daar zover vanaf zit, en of ik dat eigenlijk ook al niet doe nu, want ik begin de blogposts steeds met: de kern van het geloof. De kern beschouw ik als hetzelfde als de geestelijke betekenis, de geestelijke betekenis die onveranderlijk is. Ik begin mijn blogpost namelijk steeds met dit:
Het is een heel kort verhaal; het verhaal van de zondeval van de mens; Adam en Eva; wat zegt het eigenlijk?
Daar staat dat God zegt: reken erop (!) dat je niet van deze boom moet eten. Maar Adam en Eva gingen neigen naar kletspraat; en hoe dat eindigt is bekend.
In het Evangelie wordt gezegd hoe het wel moet. Dan kan je in abstracto zeggen: Jezus laat zien hoe je moet leven. Maar ik zou het iets exacter zeggen, en zeggen: Jezus leert hoe je goed moet rekenen:
Hij verwijst altijd naar de Vader = rekent met de Vader. En als mensen met Hem praten, zegt Hij vaak: dat is wat jullie zeggen = jullie eeuwige kletspraat
En Hij zegt: Ik ga nu weg, maar reken (!) erop dat Ik terug kom; als een leraar die even de klas uitloopt en kijken of de mensen intussen gaan rekenen
Ik zet er in mijn blogposts ook altijd tenminst twee of drie voorbeelden bij, dan weten de mensen dat het geen theoretische aangelegenheid is, maar praktische geloofsleer.
Allereerst merk ik het in mijn eigen leven eigenlijk. Het Evangelie is niet meer een “moeilijk vraagstuk”, maar een “fact of life”: wie zou daar nu tegen zijn, minder kletspraat en meer rekenen
En ten tweede, schreef ik, in de praktijk: dan kan je het Evangelie in de praktijk ook sneller en doeltreffender toepassen. Je kan bijvoorbeeld in de asielcrisis zien dat mensen maar zich baseren op “kletspraat” en dat je dan maatschappelijke crisis krijgt
Nu kan iedereen die in Aanmeldcentrum Ter Apel roept en maar hard genoeg “asiel!!” roept toegelaten worden tot de asielprocedure. Ook mensen die uit veilige landen komen zoals Marokko, Algerije, Egypte, Jordanie, Nigeria. Deze mensen gebruiken Ter Apel als “springplank” naar Europa.
Er wordt helemaal niet mee gerekend dat deze mensen gewoon het eerste vliegtuig terug kunnen pakken; wij hebben hier Schiphol dus hoppakee doei.
Als ze daar vervolgens in de Tweede Kamer over gaan debatteren komen ze er niet uit, anders dan een beetje “bekvechten met elkaar”. Tweede Kamerdebatten zijn vaak niet aan te zien hoe slecht.
Ze zetten zwaar in op “taal” en dat wordt dan al snel “stekelig”, maar moet er ook niet eens gerekend worden??? Waar blijven de analyses, en dat nu al dertig veertig jaar lang.
Of wat te denken van de islam, dat kan je geen religie noemen maar ik noem het “sportschooltheologie”:
Jezus zei tegen Petrus steek het zwaard maar terug in de schede, want tegenwoordig gaan wij dingen op een rationele manier aanpakken. Het Woord is nu het zwaard.
Maar Mohammed vond dat ingewikkeld, of niet leuk, en heeft het gewone zwaard er weer uitgetrokken. Kijk maar op de vlag van Saudi-Arabie, daar staan er volgens mij zelfs drie. Dat heeft met Jezus dus niets te maken, en kan je mijns inziens het beste verbieden.
Het boek Ruth; eerste lezing 2022: chaos
Als je gaat rekenen, dan kan dat ook leiden tot een andere manier van lezen. Zoals vandaag een boek als Ruth.
Daar ging het mis in mijn HHK tijd in 2022. Er was een vriendelijke jongedame die artikelen schreef in CVandaag. Zij behandelde dan een Bijbelboek, las elke week een hoofdstuk, en schreef daar dan een stukje over.
Dat idee is erg leuk. Maar ik vond de stukjes chaotisch. Het waren hap snap stukjes en het zat vol “rafelrandjes”. Ik kan mij nog goed herinneren, dat zij een keer schreef:
Hoeveel tijd zou er eigenlijk zitten tussen de gebeurtenissen van Ruth 1 en Ruth 2, dus hoeveel tijd tussen de eerste twee hoofdstukken.
Dan stelde zij die vraag, en dan kwamen er reacties. Maar dit is de “kletspraat” methode, en die werkt niet. Als je tien mensen hebt, dan krijg je tien verschillende reacties, als je bij wijze van spreken honderd mensen hebt, dan krijg je honderd reacties: je krijgt alleen maar meer “nullen” achter het begincijfer en wordt er niets wijzer van.
Destijds had ik al gezegd: jullie hoeven niet zo moeilijk te doen: het antwoord staat namelijk in de tekst zelf!!
Aan het eind van Ruth 1 staat een tijdsaanduiding (“begin van de gersteoogst”)
En aan het eind van Ruth 2 staat ook een tijdsaanduiding (“tot de gersteoogst en tarweoogst voorbij waren”) .
Dat gaf mij toen al aanleiding om te stellen dat de methodiek anders aangepakt moet worden: minder kletsen, en meer rekenen; zoals meer rekenen met de inhoud van de tekst zelf.
Mathematisch lezen: iederen kan het; en het is eenvoudig
Ik was toen gewoon gestopt met het geloof, ik was echt woest destijds, van deze “kippenhokmethode” en moest even vier jaar “afkoelen”. Maar ik laat mij nu niet meer ontmoedigen. Ik ga de tekst zelf mathematisch lezen, want die methode “werkt”.
Daarom dat ik nu ook flink stukjes schrijf op mijn eigen blog: hier ga ik deze tekst mathematisch lezen, en ik verbaas mij wat er nog meer tevoorschijn komt. Het lijkt net op zoiets als bramen plukken: je hebt zo een hele mand vol.
Mathematisch lezen = rekenen met uitzonderingen
Het boek Ruth bevat zoals boven vermeld exacte tijdsaanduidingen, dit betekent dat het boek “mathematisch precies in elkaar zit”: daar hou ik van.
Maar het zit ook nog op andere manieren “mathematisch precies in elkaar”: wat te denken van het doel van deze geschiedenis?
Bij het mathematisch lezen wordt je opgeroepen op allerlei manieren en met allerlei zaken te rekenen, dus je moet ook rekening houden met het doel. Ik zou als hoofdthema bij Ruth willen zetten: houd rekening met uitzonderingen, of uitzonderlijke zaken.
De uitzonderlijke persoon is zodadelijk Jezus, en Hij gaat wonderen doen, en dat zijn uitzonderlijke zaken. Hij moet nog komen, maar in het boek Ruth wordt hier alvast op vooruitgelopen, en dat lijkt op een “training”, “oefening”. Hier komt namelijk een Moabitische bij Israel, dat is uitzonderlijk, en zo leren mensen alvast rekening (!) houden met uitzonderlijke zaken.
Mathematisch lezen = rekenen met een goede uitkomst
Dan zijn er nog andere zaken om rekening mee te houden. Wat te denken van de uitkomst van het verhaal: het begint met Ruth die een onzekere toekomst tegemoet gaat, maar uiteindelijk wordt zij verlost.
Dat deze geschiedenis zo ordelijk verloopt, heeft dit ook als kenmerk dat de uitkomst altijd precies goed is, zoals bij Ruth haar huwelijk, exact op het goede moment, maar ook zoals dat bij een rekensom tien keer tien precies exact honderd is.
Mathematisch lezen: het beschrijft een doorlopend proces
De opbouw van het verhaal is van een verbazend strakke logica. Het begint steeds met een uitdaging; en daarna komt de oplossing “van de rekensom”.
In hoofdstuk 1 begint het met een uitdaging: hongersnood. En hoofdstuk 2 bevat een oplossing: oogst.
In hoofdstuk 3 begint het met een uitdaging: Boaz benaderen. En hoofdstuk 4 bevat de oplossing: verlossing, huwelijk.
Ruth 1 uitdaging
Hier wordt over hongersnood gesproken, en Ruth gaat naar Bethlehem, en dat kent zij eigenlijk helemaal niet, en zo alleen met haar schoonmoeder, twee vrouwen alleen, dus vraag je je af: “zal dat wel goed aflopen”, “ze moeten veel huilen”, “Ruth klampt zich aan haar schoonmoeder vast”, “ziet er allemaal maar eng uit”, “kan zomaar misgaan, twee vrouwen alleen onderweg naar verre plaats”: oei!!
Ruth 2 goede oplossing
Het begin is nog wel spannend, gaat zij daar wel werk vinden, maar inderdaad, dat lukt; en dat wel goed met al die mannen in de buurt, houden die hun handen wel thuis, maar inderdaad, dat doen zij; en in het midden vraagt Ruth aan Boaz of zij zijn genade eigenlijk wel waard is, want ja, zo vanzelfsprekend is dat helemaal niet, “wat is de waarde van een mens”, “ik bezit helemaal niets”, “ben ik wel iets waard”; maar hij antwoordt in bevestigende zin. En het eindigt het met een oogstfeest, dus een goed einde!
Ruth 3 nieuwe uitdaging
Dit begint het weer met een nieuwe uitdaging. Hadden we net een mooi feest gehad, een hoogtepunt, beland je zomaar weer in de put: want Ruth was daar eigenlijk alleen maar nuttig voor de oogst en daarna niet meer, wat moet zij doen??? Dan gaat Ruth naar Boaz en nog wel in het donker, en zij gaat aan zijn voeten liggen. Dat is allemaal weer een uitdaging; hij kan haar ook wegsturen, en wel direct, “gaat dit wel goed aflopen”; of misbruik maken van haar kwetsbare positie: kan ook nog, “is wel goede man, Boaz”, “maar bij het feest misschien veel gedronken”, “gaat dit niet helemaal fout straks??”, “hij misbruikt haar en dumpt haar dan”: oei!!!
Ruth 4 goede oplossing
Dan vraag je je misschien af: “gaat dat wel goed aflopen”, “kan zomaar misgaan”; maar dit boek eindigt het met de lossing van Ruth door Boaz en een huwelijk. In dit hoofdstukken zitten weer oplopende trappen omhoog: hoera!
Mathematisch lezen = rekenen met uniciteit; er is maar één goede uitkomst; 10×10 is 100 en dat is de enige goede uitkomst
Er zijn meer beroemde boeken behalve de Bijbel. Wat je dan ziet, is dat de schrijvers gaan afwijken van de format van het Evangelie: ze willen zelf een verhaallijn bedenken, een ander soort plot dan je ziet in bijvoorbeeld Ruth
Maar dan zal je iets bijzonders zien wat je misschien niet voor mogelijk houdt: op moment dat jij het grondschema van de Bijbel loslaat, en een afwijkende, eigen bedachte format gaat gebruiken voor jouw boek, is de uitkomst altijd verkeerd.
Dit is een wetmatigheid die al in Genesis 2 en 3 tot uitdrukking komt: je moet rekenen met de Heere, en als je zelf “aan het kletsen gaat”, dan gaat het sowieso fout. Ook al ben jij nog zo’n belangrijke persoon, heb jij een goede opleiding genoten, en kan jij mooie zinnen schrijven.
En dit gaat met mathematische precisie net zoals een rekensom van tien keer tien altijd alleen maar honderd is, op vergelijkbare wijze als waarop in Genesis 2 staat: op de dag dat u daarvan eet, zult u zeker sterven. Dat is het begin van de ondergang.
Ik vermoed dat dit iets is, wat mensen op zich wel kennen, maar niet hoe scherp. De inhoud van Ruth met de opeenvolgende format uitdaging - oplossing - uitdaging - oplossing kon ik op internet overigens ook niet vinden, die heb ik zelf gemaakt. Maar ik kan mij voorstellen dat al veel mensen zich over dit heel oude verhaal hebben gebogen, en dat ze het wel weten.
Maar weten zij dan ook wat er gebeurt, als andere schrijvers denken zelf een mooi verhaal te kunnen bedenken, en dat ze dan allemaal verkeerd uitkomen?
Ik heb het hier niet over een paar kleine “flutboeken”; maar echt over heel bekende. Neem bijvoorbeeld het wereldberoemde boek van Tolstoy, Oorlog en Vrede.
Dit boek las ik opnieuw in 2018. Ik had het als kind gelezen en vond het toen mooi. Maar toen ik het herlas, schrok ik mij wild.
Laat ik dat net zo analyseren als Ruth, in opeenvolgende stappen, die ik dan ook ga nummeren van een tot en met vier, en kijken hoe dat bij Tolstoy uitpakt.
Tolstoy heeft niet zo’n strakke opzet als Ruth, want zijn boeken waaieren uit naar alle kanten, met zijn dure taal, maar dan maak ik die opzet wel even, dan zullen we eens zien of daar een “lijk uit de kast komt”:
Oorlog en Vrede 1 - uitdaging
In het begin verschijnt het arme meisje Sonya Rostova, die wil trouwen met de rijke prins Nikolay Rostov. Ze zijn ook aan het daten.
Dit heeft in de kern de opmaak van een sprookje van het type Assepoester: arme prinses wordt verliefd op rijke prins, ze verliest haar schoen, maar hij vindt haar weer, ze trouwen en ze leefden nog lang en gelukkig. Dat is de uitdaging: net als Ruth begint met een uitdaging.
Oorlog en Vrede 2 - verkeerde oplossing
Maar leer dan Tolstoy kennen: hij kan niet rekenen, dus hij rekent de oplossing helemaal verkeerd uit. Hij beschrijft Nikolay als een flierefluiter. We zien in de eerste scene Sonya hevig huilen, want Nikolay heeft achter haar rug met een ander meisje staan zoenen.
Nikolay haalt Sonya toch weer aan, met argument “sorry sorry jij bent de enige voor mij”, maar dumpt haar vervolgens gewoon weer en trouwt met een ander
Oorlog en Vrede 3 - uitdaging
Je zou kunnen zeggen dat dit erg is, maar je kan ook zeggen: “that’s life”. In het vervolg van het verhaal zien wij Sonya weer terug. Zij wordt hun gouvernante: ay, pijnlijk, zij had haar eigen kinderen met Nikolay willen hebben, maar zij moet nu de kinderen opvoeden van Nikolay en zijn andere vrouw, en zij blijft eeuwig ongetrouwd.
Dat is een uitdaging, maar deze dan niet voor Sonya, want zij is uitgerangeerd door de schrijver, in haar leven verandert niets meer. Maar dit is een uitdaging voor Tolstoy zelf: hij wil dit gaan rechtvaardigen, hij gaat zoeken naar een reden
Oorlog en Vrede 4- verkeerde oplossing
Dan krijg je een uitvlucht van het type waarvan Adam en Eva zich bedienen in Genesis 3: je geeft gewoon de schuld aan de ander, en in dit geval is er niemand anders dan Sonya, dus schrijft Tolstoy op dat Sonya zelf schuld heeft aan haar ondergang.
Hij doet dat, door te beschrijven dat zij een “steriele bloem” is, met andere woorden een gevoelloos wezen, een “loser” zouden wij tegenwoordig zeggen.
Het lijk in de kast is dus Sonya Rostova. Maar dit mag niet zomaar ongestraft, iemand afserveren en er dan leugens over verkondigen: want zij was geen “sterile flower”.
Ik heb in het vorige artikel geleerd dat ik de standen van het genadeleven ook kan “doornummeren” en dan kunnen we ook Tolstoy’s eigen ondergang aanschouwen:
Oorlog en Vrede 5
Tolstoy rekent verkeerd, want hij rekent er kennelijk op dat wij lezers niet zoiets hebben als “geheugen”, maar dat hebben wij natuurlijk wel; en als wij een goed geheugen hebben, dan herinneren wij zich de eerste scene nog, waarin Sonya geemotioneerd was: zij is geen “sterile flower”! Nikolay was de “hork”; Tolstoy jij bent de zaken aan het omdraaien; net als Adam en Eva aten van de boom van kennis, waar ze nu juist vanaf moesten blijven.
Oorlog en Vrede 6
Dus de zogenaamde rechtvaardiging van Tolstoy lijkt te kloppen, totdat jij je realiseert dat Sonya eigenlijk de lieve, gevoelvolle persoon was, alsof wij lezers ons niet meer herinneren wat er in die eerste scene zich afspeelde, waar zij gevoelvol tranen liet vallen! Vind jij arrogante Tolstoy Sonya een loser, maar vind jij ons ook losers of zo?
Oorlog en Vrede 7
Foei Tolstoy, jij rekent niet met jouw eigen romanpersonen, door ze maar af te serveren of uit te rangeren, en jij rekent er kennelijk op dat wij lezers ook een stel domme koeien zijn, kennelijk zonder herinnering, en jouw letters eten als gras, zonder na te kunnen denken
Oorlog en Vrede 8
Dat gaat jou je reputatie kosten! Nu sta je nog op Wikipedia als een van de grootste schrijvers ter wereld maar ooit gaat dit je kop kosten. Dan word jij een literaire randfiguur en staat het boek Ruth weer bovenaan de ranglijst.
Deze analyse van Tolstoy is “behoorlijk pittig” maar volgens mij keurig juist. Aan de hand hiervan kan ik vaststellen: niet alleen eindigt de verhaallijn in het negatieve, in de zin dat Sonya haar huwelijk misloopt.
Maar ook is de analyse van de schrijver zelf volkomen verkeerd. Dit is rekenen van het type tien keer tien is twintig. En dan kom ik weer even bij Ruth uit, je ziet hier het gigantische kwaliteitsverschil.
Niet alleen is Ruth veel netter geschreven dan de “literaire warboel” van Tolstoy, maar ook is de uitkomst bij Ruth goed. Geen wonder met die chaos aan woordenbrij die Tolstoy produceert, dat de uitkomst dan fout is.
Toen ik in 2018 Tolstoy (her)las dacht ik: hm, zeker beginneresfoutje. Maar dit gaat bij Tolstoy structureel verkeerd, en in steeds ergere vorm. In het vorige artikel schrijf ik over de trappen van genade, daar kan je omhoog klimmen. Maar als je het Evangelie eruit gooit, dan kom je bij de trappen van ellende, en dat gaat steeds stijler omlaag, en bij Tolstoy gaat dat ook gebeuren. In zijn eerste grote roman zet hij Sonya nog “slechts” in de hoek, maar in zijn tweede roman gooit hij de hoofdpersoon, Anna Karenina, onder de trein.
Anna Karenina 9
Anna is getrouwd met een meneer die misbruik van haar maakt. Als je het leest: brrr, wat een engerd, je zou er maar naast in bed liggen. Maar ze pakt haar koffer en vlucht uit huis, bovendien valide reden voor een scheiding.
Anna Karenina 10
He he, ze is weg bij die engerd. Maar in deel twee mag ze haar kind niet meenemen, want zij krijgt de schuld van alles: merkwaardig.
Anna Karenina 11
Je zou weer kunnen zeggen “that’s life”, “zo ging dat kennelijk in de negentiende eeuw. Maar Anna raakt depressief en springt onder de trein. Tolstoy kan jij dat uitleggen?
Anna Karenina 12
En dan volgt er weer een analyse van het type “eigen schuld dikke bult”: had je maar niet moeten scheiden
Mathematisch lezen: reken op de toekomst
Hier is de afloop van het verhaal van een verbazingwekkende treurigheid. Tolstoy is volstrekt niet aan het rekenen; en ik vermoed dat hij er ook op rekent dat hij hiermee wegkomt. Maar, en dat is een derde aspect: dat is ook fout gerekend.
Dat hij mensen een paradijselijk verhaal kan voortoveren van rijke mensen in dure landhuizen, maar er dan op rekent dat er geen Maurice Luymes langskomt om deze onzin door te prikken.
En stel je voor, als de Russen, die ook een christelijk volk zijn, eenmaal door hebben wat ze met Tolstoy “een kwade geest” in huis hebben. Ik vermoed: zodadelijk daalt zijn reputatie als een baksteen, en stijgt de reputatie van een boek als Ruth als een raket.
Dat zou mooi zijn voor Rusland want dat is in feite een “christian nation” maar die weten nu misschien niet goed waar ze staan in de wereld. Dat is ook lastig als jij de Bijbel in de kast hebt staan maar daarnaast ook Das Kapital van Marx of De Gebroeders Karamazov van Dostoyevski, want dit verdraagt zich slecht met elkaar.
[Hier Sergiev Posad, waar ik in het verleden ben geweest; het lijkt alsof er meer kerken dan huizen staan]
Misschien dat ze zich beter kunnen orienteren op hun verleden, op hun leuke sprookjes, en op het christendom. En minder op de “intellectuele betweters”.
Misschien dat ze dan nog even gaan controleren hoe dat dan zit met hun tweede grote literaire held, Dostoyevski. Nou, ik kan ze alvast verklappen: precies hetzelfde als Tolstoy. Zo gaat in het “zogenaamd magistrale” boek Misdaad en Straf, de intelligente en veelbelovende student Rodion Raskolnikov een moord (!!) plegen op een oude vrouw. Omdat haar zuster toevallig op bezoek is, “dan gelijk die ook maar”.
Misdaad en Straf 1 uitdaging
We zien Rodion, een student in Sint Petersburg: hij heeft alles mee wat je wil: hij is jong, zijn moeder heeft al het geld opzij gelegd voor zijn studie, en hij studeert in een mooie stad.
Hij klaagt wel een beetje veel in het boek. Sint Petersburg, waar ik trouwens zelf een keer ben geweest, is een van de mooiste steden ter wereld, maar Rodion zeurt: het is te druk, de wegen zijn te stoffig, het is te warm. Alsof er geen park in de stad is te vinden: bovendien zijn er heel veel kerken, en in Rusland zijn die vaak de hele dag open: ga daar maar eens zitten! Maar die slaat hij opvallend genoeg allemaal over: parken en kerken heeft hij het meeste hekel aan, merkwaardig.
Misdaad en Straf 2 verkeerde oplossing
Dan blijkt dat hij een ander plan heeft. Hij wil namelijk onderzoeken of het leven iets waard is. Dat is dezelfde vraag uit Ruth 2. Kijk eens hoe charmant Ruth dat aanpakt:
Ruth 2:10 Toen wierp zij zich met het gezicht ter aarde, boog zich naar de grond en zei tegen hem: Waarom heb ik genade gevonden in uw ogen, dat u naar mij omziet, terwijl ik een buitenlandse ben?
Dat is een scherp ingestoken vraag van de format “het Woord is een zwaard”, waarover we later in het Nieuwe Testament meer horen.
Maar Rodion is niet van “het Woord is een zwaard”. Als hij spreekt, dan zit hij veel te klagen, maar verder zit hij eigenlijk de hele tijd nors voor zich uit te staren, communicatieve vaardigheden zijn slecht. Hij gaat de oplossing van de vraag wat een mens waard is dan ook heel anders aanpakken: daarvoor pakt hij een mes. Hij gaat een paar mensen doodmaken, “of je daardoor kan zien wat de waarde van het leven is”
Misdaad en Straf 3 nieuwe uitdaging
Rodion eindigt namelijk vanwege die dubbele moord in de Gulag; en is er dan zelfs nog verbaasd over
Misdaad en Straf 4 verkeerde oplossing
Hier kan je vervolgens zien dat Dostoyevski, net als bij Tolstoy, zich dan voor de vraag ziet hoe je dit gaat rechtvaardigen, en dat hij dan niet het antwoord in de Bijbel ziet, maar zelf een potje “onzin gaat fabriceren”.
Dostoyevski komt op de laatste pagina’s van zijn boek met een verklaring van een verbluffend laag niveau: “misschien de volgende keer iets aardiger zijn”. Toen ik de laatste pagina’s van dat boek las, dacht: is dat alles wat je kan zeggen??? En niet eens verontschuldiging tegen over de twee dode vrouwen??????
Mathematisch lezen: don’t try this at home
De uitspraken van Rodion aan het einde van Misdaad en Straf mag je na een dubbele moord gerust als een “zwaar understatement” bestempelen: oef wat slecht!!! En de reden is van een verbazende eenvoud: de Bijbel geeft een format om te leven. Dat is wat ik in het begin schreef, steeds met verwijzing naar Genesis 2-3
Het is een heel kort verhaal; het verhaal van de zondeval van de mens; Adam en Eva; wat zegt het eigenlijk?
Daar staat dat God zegt: reken erop (!) dat je niet van deze boom moet eten. Maar Adam en Eva gingen neigen naar kletspraat; en hoe dat eindigt is bekend.
Dit verklaart direct alles: Dostoyevski is aan het “kletsen” en rekent niet. Als we dat eenmaal weten, kunnen we ook deze roman “doornummeren”
Misdaad en Straf 5
Dostoyevski had moeten schrijven dat Rodion een exemplarisch voorbeeld is van iemand die niet kan rekenen. Hij kan al in het begin niet rekenen met de mooie dingen in Sint Petersburg; of als het warm is, dat je erop rekent dat het in het park koeler is.
Misdaad en Straf 6
Je moet ook rekening houden met andere mensen, en die al helemaal niet vermoorden; wat is uberhaupt hier de ratio van.
Misdaad en Straf 7
Wij trappen niet in mooie praatjes. Dat wordt bij Dostoyevski wel gecompenseerd door allerlei fraaie taal, maar dat maakt het boek niet goed. Dat is trouwens ook wat jouw eigen literaire kind doet: Rodion gaat een fraai opstel schrijven over moord: maar het onderwerp blijft moord.
Misdaad en Straf 8
Je moet er ook op rekenen, Dostoyevski, dat als jouw kind zo slecht rekent, dat hij dat vermoedelijk van jou heeft, en dat kan je nog op internet vinden ook. Jij was namelijk gokverslaafd.
De enige vorm van rekenen die jij beheerste was gokken. En dat is nu ook precies wat jij in zijn romans aan het doen is; een beetje gokken of moord een goed idee is, beetje gokken of je daarmee weg komt, beetje kat en muis spelletje spelen met de politie. Dit gokgedrag zit trouwens ook in jouw andere boeken, zoals De Gebroeders Karamazov, dat zijn drie broers en dan gaan ze gokken of het Evangelie waar is of niet, met een “gokhalargumentatie” van het format: degene die erin slaagt het eerst een vrouw te versieren, die zal wel gelijk hebben. Foei!!!!! Wat een onzin!!!!
Nu komen ze er nog mee weg, en staan ze als helden op Wikipedia. Maar dan hebben ze niet op mij gerekend. Als deze tekst eenmaal een keer “door de muur van onzin breekt” dan is hun reputatie mogelijk in een decennium weg.
Ze leggen het compleet af tegen Ruth. Je zou bijna denken: ze kunnen het zeker niet hebben, dat Ruth zo’n bijdehandte vrouw was, en daarom zitten in hun eigen boeken te klieren tegen vrouwen
Deze twee “boeven” zijn overigens niet de enigen waar ik mee moet afrekenen. Er zijn er nog wel meer, en die zijn nog erger; want stel eens voor dat je zulke experimenten als bij Rodion in het echt gaat doen. Dan roep je een gigantisch onheil over je af, en ook over mensen uit je omgeving.
Dat zie je als je naar de filosofie overstapt, dan gaat ook ongeveer alles fout, wat er maar fout kan gaan, en helemaal als dat politieke filosofie wordt.
Dus als we kijken naar Nietzsche, daar krijg je een wereldbeeld waarbij elk greintje genade is weggepoetst door een blinde “wil tot macht”, oftewel tot machtswellust . Met daaraan gekoppeld Nietzsche’s bekende leer van de “de eeuwige wederkeer van het gelijke”
Nietzsche kan niet rekenen, dus hij zet dit in de markt alsof het geweldig is. Maar ik ga wel rekenen, en dan krijg je dit:
Het is net alsof je een schilder in huis haalt, die valt van de ladder, omdat hij die niet goed had vastgezet, hij had het maar “wild” tegen de muur gekwakt; hij valt breekt daarbij zijn eigen been, maar klaagt jou aan bij de verzekeringsmaatschappij
Dus de schilder gaat jou aanklagen bij de verzekeringsmaatschappij voor schadevergoeding, en hoeveel keer jij ook zegt dat het de eigen schuld was van de schilder, deze schilder gaat gewoon “eeuwig herhalen dat hij zelf gelijk heeft” met zijn “fantastische” leer van de eeuwige wederkeer van het gelijke.
Deze twee aspecten van Nietzsche’s filosofie kan je aanmerken als kenmerk van “niet goed kijken” zoals bij het blind plaatsen van een ladder; als het “niet goed luisteren” als bij het niet luisteren naar jouw valide argumenten.
De reden is dat Nietzsche gaat afwijken van het Evangelie. Hij was erdoor teleurgesteld, of teleurgesteld door de prediking, ik weet niet precies wat de oorzaak was, en gaat dan zelf iets filosofisch in elkaar knutselen, en gaat daarin ook heel ver. Nietzsche gaat daarin zo ver, dat je de uitkomst van zijn filosofie gerust mag aanmerken als het scenario van een horrorfilm. Hij denkt dat hij daar ook mee wegkomt: helaas pindakaas.
Mathematisch lezen: het is een wetmatigheid, dat bij slecht werk je reputatie eraan gaat, en wel voorgoed
Als jij je dan vervolgens bedenkt dat dit filosofie is, en mensen op basis van filosofie politiek gaan bedrijven, dan moet je je echt je hart vasthouden. Er zijn politieke stromingen geweest, op basis van allerlei filosofieen, waarbij het aantal doden in de miljoenen zo niet tientallen miljoenen liep.
Maar let op: dat mag niet ongestraft. Nietzsche heeft zich net als Tolstoy en Dostoyevski volkomen misgerekend.
Zodra, om maar een kerk te noemen, de Gereformeerde Gemeente in Apeldoorn in de gaten krijgt, wat ze met het boek Ruth een “powerhouse” in huis hebben, dan vallen Dostoyevski, Tolstoy en Nietzsche tegelijk om: hun reputatie is foetsie!
Dit kan je trouwens nu al voorspellen, het is een zoveelste mathematische wetmatigheid die je uit het boek Ruth kan opdiepen.
Dit verlies van reputatie van “kletskousen” is een logisch gevolg van de keuze van hun leven, wat dit betreft zit de werkelijkheid op een verbluffend mathematische wijze in elkaar.
Mathematisch lezen: je weet precies welke boeken goed zijn of niet
Dit is ook een mathematische wetmatigheid: je kan niet de Bijbel neerzetten in de boekenkast naast griezels als Tolstoy, Dostoyevski of Nietzsche
Misschien vind je dat streng, “zijn toch ook maar mensen”, maar deze mensen schrijven deprimerende boeken en dat gaat bij mensen “in het systeem zitten”. Ik neem het niet eten van de boom van kennis van goed en kwaad zeer letterlijk, en zorg er daarom ook voor dat ik zulke boeken heb verwijderd uit huis.
Misschien twijfelt u om boeken van Tolstoy, Dostoyevski of Nietzsche in de blauwe container te doen. Maar deze mathematische wetmatigheid vind je ook in de Bijbel, zoals het verhaal uit Mattheus 25 over de tien meisjes.
Ze zijn onderweg naar een bruiloft en wachten op de bruidegom. De groep bestaat uit vijf verstandige en vijf domme meisjes.
Het verschil zit in hun houding en voorbereiding: de verstandige meisjes hebben een lamp bij zich en extra olie, de domme meisjes hebben ook een lamp bij zich, maar geen extra olie.
Als ik commentaar op dit verhaal lees, dan lees ik bijvoorbeeld, quote van internet:
wat Jezus hiermee bedoelt is dat het wachten op de bruidegom een beeld is voor het wachten op de terugkomst van de Mensenzoon
Dan denk ik: ja oke, maar dat is de helft van de uitleg, de andere uitleg is dat de mathematische wetmatigheid van de werkelijkheid wel zodanig scherp is, dat de onruststokers, ook als dat mensen met hoge reputatie zijn, zoals Nietzsche, Dostoyevski, of Tolstoy, niet moeten denken dat ze uit genade toch nog op het feest mogen komen.
Mensen van het geloof worden afgesneden; en mensen zonder geloof worden afgeschreven
Maar dan ook onherroepelijk, met de onomkeerbaarheid en de hardheid als waarmee je materiele goederen van een bedrijfsbalans afschrijft.
Zonder hierbij overigens negatief te worden over hen persoonlijk; dat zou ook kunnen, maar dat is niet nodig.
Ik heb namelijk het vermoeden dat Nietzsche eigenlijk een vriendelijk, zachtaardig persoon is. Maar je schrijft hem af, zoals ze zeggen in de Godfather films, “puur om zakelijke redenen”, “om de koers van het Evangelie goed te houden”, of zoals ze zeggen in Mattheus 25, “omdat hij geen olie bij zich had”.
Dat kon ik trouwens op internet bij de uitleg van Mattheus 25 ook niet vinden: dat het ontbreken van olie betekent dat als mensen worden afgeschreven van de balans, dat dit indiceert dat dit niet om persoonlijke reden is, want als het ging om persoonlijke redenen, dan zou je kunnen redeneren: Nietzsche was toch een vriendelijke vent, wees niet zo hard tegen die kerel, Dostoyevski ook, valt toch wel mee
Nee, je wordt niet beoordeeld op persoonlijke redenen, maar op zakelijke redenen, om Michael Corleone aan te halen: it’s not personal, it is purely business.
Mathematisch lezen; de tekst vormt ook een rekenschema
Dit is een lastige, ik begrijp dat mensen hier moeite mee kunnen hebben. Hier krijg je een portie Bijbelanalyse van mathematische omvang, wat misschien even hard aankomt. Maar het kan nog harder; want omdat Bijbelteksten zo’n mathematische orde hebben, kan je er ook een schema van maken.
Dat is een ongebruikelijke stap, ik realiseer mij dat. In een eerdere fase heb ik bedacht deze schema’s ook maar weg te laten, maar als je een boek als Ruth leest, dan springt het direct weer in het oog. Zo zit Ruth in elkaar:
Misschien dat u dit raar vindt en ongebruikelijk om het zo schematisch weer te geven.
Maar Ruth heeft dus dit grondschema, en ik weet zeker dat als ik dit hier zo opschrijf, en u kent deze teksten als geen ander, dat u dat kan herkennen:
Zo gaan de eerste twee hoofdstukken van Ruth vooral over natuurlijk verhoudingen: onze verhouding tot het land, tot voedsel, en over oogsten.
En de hoofdstukken drie en vier hebben meer de focus op menselijke verhoudingen, namelijk hoe gaat het aflopen tussen Ruth en Boaz.
Mathematische wetmatigheden: die zijn universeel
Het is ook niet alleen in Ruth dat het schema zit. Ik spreek in deze tekst over mathematische wetmatigheden, en die zijn universeel. Of ik nu in Amsterdam woon of in Apeldoorn of in Moskou: tien keer tien is overal honderd.
Dus dit grondschema komt vaker voor. In het Johannes schema zit eenzelfde opbouw. Daar zit namelijk hetzelfde schema in. In de eerste twee hoofdstukken ligt de nadruk op de komst van Jezus in onze natuurlijke wereld, “en gaat het duister het wel aannemen”; en zijn natuurlijke wonderen zoals water in wijn veranderen.
In de hoofdstukken 3 en 4 zien we vervolgens de focus meer op menselijke verhoudingen, gesprekken van Jezus met Nicodemus en de Samaritaanse vrouw
Mathematische wetmatigheden zitten echter overal
Nu ik deze tekst aan het schrijven ben, kan ik er weer nieuwe zien. Zo was ik gisteren een tekst aan het schrijven over de standen van het genadeleven. Daarvan had ik er niet vier gevonden, maar ineens bleken het er acht. Dat past ook in het schema:
Je kan het bijna als een soort “uitnodigingskaartjes” beschouwen voor een feest; eigenlijk is het binnenkort het Tweede Milleniumfeest van het Evangelie, en dat is dan je uitnodigingsbriefje.
Er zijn nog meer varianten op. Ik heb ook een wetenschappelijke variant, want je komt deze wetmatigheden echt overal tegen, zelfs als je kijkt met een “wetenschappelijke bril” en termen uit de natuurwetenschap gaat toepassen. Dat is iets wat ik verder heb uitgewerkt in mijn “hoofdartikel” over het Johannes Evangelie.
https://www.friedasdream.org/blog-1/kanskaart-trekken
Misschien denkt u: wat is dat nu allemaal, “nog meer van die kaartjes”. Maar ja, denk ik dan: als het werkt dan werkt het. Dat is net als met een auto: daar zit een motorblok in en “dat is maar een raar ding”, “geen idee hoe het werkt”. Maar ja, je kan toch de sleutel in het contact steken, draaien, en dan rijdt hij wel.
Als u dan toch wilt weten hoe de motor van het Evangelie draait: de achtergrond van dit schema is, dat de natuurlijke wereld overweldigend kan zijn; denk maar aan de hongersnood waar het in Ruth over gaat. Wij mensen zijn dan heel erg klein; denk ook maar in de vraag van Ruth in hoofdstuk 2: wat ben ik eigenlijk waard, heb ik eigenlijk wel genade verdiend? Ik heb dat schematisch weergegeven, door de natuur zwaarder te waarderen dan wij; 90 om 10
Maar wij hebben wel Iemand naast ons staan die ons kan helpen, en dat is Jezus, en dat is een “powerhouse” en verbonden aan de schepping, dus ook 90 gewaardeerd. En dan zie je dat de verhoudingen zich omdraaien, want nu staat er een hoger getal aan de rechterkant, namelijk 100 om 90, en moet er iets extra’s bijkomen aan de linkerkant, om deze balans weer in evenwicht te krijgen, en dat is genade
Mathematische wetmatigheid: het atheisme gaat sowieso failliet
De atheistische heren en dames zoals de types uit de romans van Tolstoy, en de slimme studentjes uit de boeken van Dostoyevski, zullen zich wel helemaal kromlachen om deze “blauwe briefjes. Maar luister maar naar wat zij zeggen: zij willen u graag anders vertellen, een “sprookje” van een wereld waar wij zomaar in zijn gedropt om te kijken “wie er het eerste in een valkuil loopt”, “afvalrace”.
Als u dat leuk vindt, dan moet u daar maar gaan “shoppen”. Maar het atheisme heb ik wel eens vergeleken met een IKEA, waar je allemaal van die zelfbouwmeubels kan kopen, maar dan een IKEA waar ze die producten verkopen zonder handleiding. Nou zie dan maar eens de juiste planken bij de juiste schoefjes te krijgen en in welke volgorde. Je kan nu alvast uitrekenen, dat die firma failliet gaat.
Mathematisch lezen: je kan er muren mee omgooien; nul procent twijfel
Als jij het Evangelie feitelijk gaat toepassen, kan je er complete muren mee laten omvallen; een mathematische som als tien keer tien is immers altijd honderd, al zet je er nog zo’n grote muur omheen.
Om te laten zien hoe je zo’n muur kan doorbreken, heb ik nog een ander schema gemaakt, en dat schema is in feite hetzelfde als de bovenstaande blauwe, ik noem dat de “blauwe routekaart van het Evangelie”.
Maar dan staat hier niet de naam van Jezus, maar wat Jezus feitelijk doet, en bij genade staat niet wat genade is, maar wat genade inhoudt: geluk genereren. Hier zie je de handleiding waarbij je ook zelf precies Jezus kan volgen.
Dit is dus de IKEA variant met de duidelijke handleiding. In feite meer duidelijkheid dan je nodig hebt, meer dan in de Bijbelverhalen; maar ik hou mij liever dom en neem mijn verlies met deze blauwe briefjes, dan dat ik fouten zou maken, als ik genade nodig heb
De toelichting is de volgende. Als Jezus in het diepst van Zijn ellende zit, dus bij de kruisiging, dan vraagt Jezus niet: God haal Mij eraf! Ik ben hier al zo lang, en het doet zoveel pijn!
Nee, Hij vraagt: God God waarom heeft U Mij verlaten? Dat is een volstrekt onschuldige, open vraag, en die werkt.
Als Jezus Zich bij de Vader zou beklagen, dan zou de Vader zeggen: Ik ben niet Jouw Zoon, in de zin van Ik ben niet Jouw bediende, Jij kan Mij niet zomaar commanderen.
Maar als de Zoon iets vriendelijk vraagt, dan gebeurt ogenblikkelijk een wonder want “waarom zou de Vader de Zoon iets ontzeggen, als Hij het zo vriendelijk vraagt?” Dus dan valt de muur van het lijden weg: prompt eindigt het lijdensproces, en begint het proces van wedergeboorte
Mathematisch lezen: deze wetmatigheid werkt in de praktijk altijd
Dat dit zo werkt, kan je ook in het eigen leven ervaren. Ik heb een paar eenvoudige en een paar moeilijke voorbeelden.
Misschien doe ik eerst een eenvoudige. Ik liep woensdag met Charlie de teckel. Ik liep over de Kweekweg, en daar is ook cafetaria Charlie; toevallig Charlie en Charlie. Er fietste een moeder met een klein kind, en het kind begon te dreinen: ik wil een ijsje!!!!! De moeder zei nee, en toen begon het kind nog meer te klieren. Hij ging met de fiets tegen de stoep botsen, kwam bijna ten val, begon toen helemaal te huilen, het was van afstand te horen. Wat de moeder het kind kan leren is bijvoorbeeld dit:
Charlie 1
Het is vandaag inderdaad wel mooi weer voor een ijsje. Maar als jij het op deze manier vraagt, dan word daar niemand blij van.
Charlie 2
Ik word niet bij, en jij word ook niet blij: want je krijgt op deze manier van mij in geen honderd jaar een ijsje
Charlie 3
Maar we kunnen ook iets anders proberen, iets grappigs. Kom we fietsen even terug, en dan gaan we weer langs Charlie fietsen. Dan doen we zo, dan vraag jij: mag ik een ijsje misschien?
Dan is “misschien” het belangrijke woord. En laten we dan kijken of dat woord werkt, en of jij dan misschien meteen vandaag een ijsje krijgt van mama.
Charlie 4
Kijk, dat is nog eens eenvoudige logica; de moeder zou in dat geval kunnen zeggen: waarom niet, als jij het zo lief vraagt.
Ik heb ook moeilijke voorbeelden, en dan gebruik ik het woord “waarom”. Zoals na het slechtnieuwsgesprek in het ziekenhuis, ging over mijn ex vrouw. Ik zal ook dit nummeren zodat het beter te volgen is, de wetmatigheid.
Ziekenhuis 1
Maagkanker, kans op overleven 20%, maar u bent eigenlijk te laat, dus wij artsen weten niet of we hier nog iets aan kunnen doen
Ziekenhuis 2
Ik zou thuis binnen kunnen gaan zitten. Ik zou de informatiemap “maagkanker” kunnen lezen, maar dat wilde ik niet zien
Ziekenhuis 3
Ik ging naar de tuin, en sprak tegen de hemel: oke, als mijn vrouw moet sterven, dan zij dat zo, een feit is een feit, maar misschien kunt U mij vertellen waarom (!!), dan kan ik het misschien beter verdragen, en ook beter aan de kinderen uitleggen
Ziekenhuis 4
Kijk, dat is nog eens eenvoudige logica; ik ben er in feite nog benieuwd naar ook: wat zou hier nu een reden voor kunnen zijn.
Het antwoord is even eenvoudig als verbluffend: als jij dat zo onschuldig vraagt, dan is die reden er niet.
En omdat die reden er niet is, dan draaiden de kansen zich exact om, met een mathematische wetmatigheid. Dit kan je ook trouwens nummeren als je wilt, als dat handig is voor een beter begrip:
Ziekenhuis 5
Allereerst een exacte gelijktijdigheid: toen ik de vraag had gesteld, toen ging prompt binnen de telefoon.
De gelijktijdigheid was zo bijzonder, dat mijn eerste reactie was: stoor mij niet, moet er juist nu iemand bellen?
Zienhuis 6
Bovendien zorgt het voor een feitelijke omkering. Ik was namelijk eigenlijk naar de tuin teruggegaan vanuit de gedachte: ik ga niet weer naar binnen, voordat dit goed opgelost is. Maar ik geloofde niet in een oplossing, dus wilde eigenlijk niet van de plek af.
Maar toen die telefoon ging, schoot ik van mijn plek af, want ik dacht: nee toch, kan zomaar familie zijn, dan moet mijn vrouw zelf het nare nieuws gaan uitleggen, die valt nog om, ik moet snel naar binnen.
Ziekenhuis 7
En als derde mathematische omkering van genezingskansen: arts aan de lijn, dat de overlevingskans toch niet 20% was maar blijkt “zomaar” een andere vorm van kanker met overlevingskans van bijna 80%
Je kan alles toeval noemen, maar misschien moet je daarmee ook oppassen. Ik kan ook wel zeggen: het is vandaag toevallig zaterdag. Maar ik kan ook zeggen: dat is helemaal geen toeval, want gisteren was het vrijdag, dus dan is vandaag sowieso zaterdag!
Ziekenhuis 8
De arts had gezegd: komt u maar zo spoedig mogelijk weer terug naar het ziekenhuis, want hier kunnen we iets aan doen: ze gaan helpen! Daar krijg je helaas geen ijs, maar chemobehandeling; en dat is zwaar, maar het heeft geholpen, dank U zeer.
Ik vind dit van belang, omdat dit richting geeft aan hoe wij mensen God moeten benaderen. Hier zou je zelfs nog verder kunnen doornummeren; dan krijg je niet vier, of acht, maar twaalf standen van het genadeleven.
Ziekenhuis 9
Ik heb vroeger namelijk wel eens vaker een gebed naar de hemel gericht, maar het werkte nooit. Elke keer waren we trouwens in het ziekenhuis, maar dan in het kraamgedeelte.
Ziekenhuis 10
Dat deed ik namelijk bij de bevalling van het eerste kind: dat was een zware bevalling. Dus dan ga je maar een gebed naar de hemel richten van het type “mag dit opschieten AUB”: werkte voor geen meter.
Ziekenhuis 11
Bij de bevalling van het tweede kind was het ook zwaar, maar ik richtte geen gebed meer tot de hemel: werkt toch niet, laat maar zitten.
Ziekenhuis 12
Maar na dat slechtnieuwsgesprek toch maar weer eens geprobeerd, en nu beter en ik vermoed waarom: de artsen hadden de indruk gewekt dat zij eigenlijk niets konden doen. Er was gewoon geen andere keuze, ik stond met de rug tegen de muur.
En ik heb toen de toon veranderd: minder eisend, maar meer een open vraag, van het type: wat moet dat moet, in dit leven moet kennelijk gebeuren wat er moet gebeuren, laat dan maar komen, maar zou wel graag weten waarom.
Mathematische wetmatigheid: je kan er ook autoriteiten mee aanspreken
Het bovenstaande is mogelijk van belang voor kerken waar predikanten komen met een preek van het type “gejeremieer”. U mag het proberen, maar ik heb het vermoeden dat dit niet gaat werken:
och Heere och Heere, mag er toch AUB iets van U blijken vandaag, want o Heere o Heere, wat is het allemaal toch duister in ons hart, in ons zwaarmoedige hart
Ik pak dit dus tegenwoordig anders aan. Toen ik dat eenmaal doorkreeg, herinnerde ik mij dat ik dat vaker had gedaan: waarom vragen, en het werkte altijd. Ik wist het dus kennelijk al, zonder dat ik het mij beseft had.
Ik kan helemaal teruggaan tot mijn eerste ervaringen op de peuterspeelzaal, toen de juf mij als een kamerplant op een stoel wilde zetten. Ik heb dit ook maar even van nummers voorzien, en deze keer ook kopjes goedheid, waarheid, schoonheid:
GOEDHEID
Peuterspeelzaal 1
Ik kwam net binnen en de juf zegt: kom maar hier in de kring zitten. Dat was het eerste wat ze zei toen ik daar binnenkwam, vrij bruusk.
Peuterspeelzaal 2
Maar ik wilde eerst even rondkijken, in deze nieuwe omgeving; best wel spannend voor een driejarige, waar gaan ze je laten, is het wel oke hier?
Peuterspeelzaal 3
Nu is de juf een autoriteit, net als een muur zet je die niet zomaar aan de kant, daar heb ik als kleine driejarige natuurlijk niets tegen in te brengen.
Maar je kan natuurlijk wel “waarom” vragen, dat is het minste, dat mag altijd. Dus ik vroeg dan maar gewoon onschuldig: waarom moet dat (daar zitten)? Daarop sloeg ze compleeet dicht, begon te stamelen, en zei: “dat doen wij altijd zo”.
Peuterspeelzaal 4
Toen bedacht ik, met een soort verbluffende peuterlogica: maar dat vroeg ik niet, ik vroeg niet hoe vaak jullie dat doen, maar waarom
Daarop draaiden de verhoudingen zich ogenblikkelijk om; bij het woordje waarom ga je kennelijk over van goedheid naar waarheid, en ontstaat er een nieuwe situatie:
WAARHEID
Peuterspeelzaal 5
De autoriteit van de juf viel ogenblikkelijk van haar af, en ik ging in de ruimte rustig rondkijken, want waarom zou dat niet kunnen, als ze toch niet goed (!) antwoord geeft. Het thema “goedheid” is hier ten einde, we gaan de ruimte, waar wij zijn, eens even inspecteren.
Peuterspeelzaal 6
Ook op de juf had het een verbazend effect. Haar strenge houding viel ogenblikkelijk van haar af.
Peuterspeelzaal 7
De juf werd er direct veel vriendelijker door, en er ontstond een ander “proces”: ze huppelde weg, dus ik dacht: waar gaat die nu naartoe?
Peuterspeelzaal 8
Het bleek: ze was naar de kast gegaan, en daar een fotocamera gepakt, om een foto te nemen van een kind “dat eens rustig wil rondkijken in deze leuke ruimte”, “dat is aardig”. Een foto is leuk om te zien, hier ga je door naar thema “schoonheid”
SCHOONHEID
Peuterspeelzaal 9
Het opmerkelijke is, dat dit proces helemaal doorwerkt naar de toekomst, dus naar de dag van want die foto heb ik nog steeds.
Peuterspeelzaal 10
Dan kan je terugblikken, en bedenken hoe goed dat toen was, dat ik die vraag had gesteld.
Peuterspeelzaal 11
Als ik namelijk toen geen “waarom” had gevraagd, dan had vermoedelijk niemand een foto gemaakt, en kon ik nooit meer terugkijken naar die foto.
Peuterspeelzaal 12
Bovendien, ik schrijf nu stukjes voor kerkmensen, en dit kan ik mooi toevoegen bij de lijst voorbeelden van “warum Erlebnissen”
Dus ik kan die gebruiken om ze te laten zien hoe je God kan benaderen, en wat een gigantisch verschil het maakt, of je de vragen “gesloten” stelt, of dat je de vragen “open” stelt in de trant “mag ik misschien” of “waarom zou het zo zijn dat”.
Mathematische wetmatigheid: handig om Ruth te lezen
Mathematische wetmatigheiden dienen universeel te zijn, dus overal te zien. Ik schrijf nu een stukje over het verhaal Ruth, en ik heb al een soort “globaal overzicht” gemaakt van de tekst, maar je moet de wetmatigheden dan natuurlijk ook in de tekst zelf kunnen vinden, anders valt mijn hele betoog hier alsnog, vlak voor de finish, vijf voor twaalf, compleet in duigen. Maar daar hoeft u niet bang voor te zijn, je moet het natuurlijk ook in de tekst zelf moeten kunnen vinden:
Ruth 1:6 Toen maakte zij zich met haar schoondochters gereed en keerde terug uit de vlakten van Moab, want zij had in het land Moab gehoord dat de HEERE naar Zijn volk omgezien had door hun brood te geven.
7. Daarom (!!) trok zij weg uit de plaats waar zij geweest was, en haar twee schoondochters gingen met haar mee. Toen zij op weg gegaan waren om terug te keren naar het land Juda,
Aha, er zit logica in de tekst zelf: mooi zo. En ook nog eens dezelfde logica, want als jij de goede logica gebruikt, dan vallen muren weg. Ook bij Ruth kunt u zien, dat bij Ruth ook alle obstakels zijn weggevallen, die stonden tussen haar en Bethlehem, met het “uw volk is mijn volk”, “uw God is mijn God”:
Ruth 1:16 Maar Ruth zei: Dring er bij mij niet langer op aan u te verlaten en terug te gaan, bij u vandaan. Want waar u heen gaat, zal ik ook gaan, en waar u overnacht, zal ik overnachten. Uw volk is mijn volk en uw God mijn God.
Dat is in feite hetzelfde als met de vraag aan het kruis “God God waarom heeft U Mij verlaten”: zo’n vraag breekt direct alle obstakels weg. Waarmee je trouwens kan vaststellen dat Jezus God is: daar hoort geen obstakel tussen te staan, ook geen twijfels over Zijn autoriteit zoals ze in de islam stellen.
Maar ook in het persoonlijke leven, zoals met de muur van ellende na het slechtnieuwsgesprek: was direct weg. Of eventueel dichter bij huis, het kind met de moeder, als het kind nou gewoon niet zo’n potje was gaan dreinen, maar rustig had gevraagd: ow lekker ijs, mag ik misschien (!) een ijsje, dan is er geen belemmering, geen obstakel, om hem dat te ontzeggen.
Dit zit dus ook in Ruth. Zo kan je de andere hoofdstukken ook doorlopen, het staat vol met “open vragen” van het “waarom type”:
Ruth 2:10 Toen wierp zij zich met het gezicht ter aarde, boog zich naar de grond en zei tegen hem: Waarom heb ik genade gevonden in uw ogen, dat u naar mij omziet, terwijl ik een buitenlandse ben?
11 Boaz antwoordde en zei tegen haar: Het is mij allemaal verteld, alles wat u na de dood van uw man voor uw schoonmoeder gedaan hebt, en hoe u uw vader en uw moeder en uw geboorteland hebt verlaten en naar een volk bent gegaan dat u voorheen niet kende.
Ruth 3:1 En Naomi, haar schoonmoeder, zei tegen haar: Mijn dochter, [waarom] zou ik geen plaats van rust voor je zoeken, waar het je goed zal gaan?
De mathematische methode kent uniciteit
Dat brengt mij ook op een punt voor u: waarom moet dat nu zo, met al die mathematische schema’s. Daarvan is ook slechts één reden: ik heb het sterke vermoeden, dat mijn methode de enige manier is om de Bijbel goed te kunnen begrijpen, en er ook goed de vruchten van te kunnen plukken. Deze methode is op zichzelf dezelfde als de leer van de standen van het genadeleven, dus wijkt daar niet vanaf.
Maar het is nog iets scherper ingestoken; in het artikel van gisteren heb ik namelijk toegevoegd, dankzij Andrea, dat er niet vier standen van het genadeleven zijn maar acht; of in feite één voorbereidende weg, en dan zeven stappen van genade. De theologie is hiermee dubbel zo sterk.
Doordat dit dubbel zo sterk is, kan ik bijvoorbeeld de Bijbel niet alleen tekstueel lezen, maar er ook schema’s bij maken. Misschien heeft u die schema’s liever niet, dat is goed mogelijk, maar voor iemand als ik van seculiere afkomst, is misschien niet te onderschatten hoe handig dat is.
Ik had het net al over IKEA meubelen in elkaar zetten zonder handleiding. Maar ik kan het wellicht ook nog wel illustreren met andere voorbeelden.
U mag daarbij bijvoorbeeld denken aan het verhaal van de muren van Jericho, die omvielen “door een paar domme muziekinstrumenten”.
In principe zijn mijn schema’s “domme hulpinstrumenten”. De schema’s dienen niet ter vervanging van de tekst. Je kan er ook geen “potten mee breken”, net zoals je in beginsel met muziekinstrumenten geen muren kan breken.
Maar voor een beginnend lezer, en vooral iemand die wetenschappelijk geschoold is, of iemand met wetenschappelijke interesse, is het goed te zien dat we deze teksten op een wetenschappelijke wijze kunnen benaderen.
Als je als seculier “zomaar” zonder hulpinstrumenten moet beginnen, dan is de Bijbel echt omgeven door een gigantische muur van twijfel. Maak ik zo’n schema, dan begrijp ik echter de mathematische wetmatigheden.
Als dan de predikant, zoals vorige zondag, zegt dat “God op een procesmatige manier werkt met de mens”, dan snap ik dat dankzij het schema direct: uiteraard, daar zit logica in, en dat bevalt mij, want ik hou van logica.
Bovendien is de muur van het atheisme daardoor ook volledig gesloopt: Nietzsche vertelt in feite niet “zomaar een alternatieve leer”, maar “volledige onzinpraat van het diepbedroevende niveau van een schilder die dronken aan zijn klus begint, van de ladder valt, en dan nog meent (!) ook dat jij schuldig bent.
Bovendien, en dan wordt het hopelijk ook echt inzichtelijk, lijken muziekinstrumenten maar bepaaldelijk domme dingen. Maar eigenlijk zijn ze dat niet. Iedereen weet wat voor mooie muziek je ermee kan maken.
Maar, en dat is belangrijk als het over het geloof gaat, ze hebben ook een bepaalde frequentie. En als je de juiste frequentie “pakt” bij God, dan komt Hij voor jou in actie.
Dat zat ook hierboven in de vraag over het bidden. Als ik zeg: “kom mij helpen”, een signaal van het type “handen uit de mouwen”, dan moet je er vanuit gaan dat dit niet gaat gebeuren, God is niet jouw “bediende” bij wijze van spreken.
Maar als jij het netjes vraagt, net als het kind bij de cafetaria, dan wel; dan heb je bij wijze van spreken de “juiste frequentie” te pakken.
In mijn hoofdartikel, het andere blogartikel, noem ik dat ook in iets wetenschappelijkere termen, het uitzenden van “stumme Signale” (in het Duits, vanwege een Duits liedje met die titel) of het uitzenden van een “intelligent signaal”
Een intelligent signaal is hier niet op te vatten als een hoogintellectueel filosofisch boek van zes honderd pagina’s, ik vermoed dat dergelijke intellectuele bagage alleen maar een belemmering is bij het binnengaan van het Koninkrijk van God.
Met aan mathematische zekerheid grenzende waarschijnlijk vast een boek als Misdaad en Straf waar Rodion Raskolnikov erin slaagt te klagen over Sint Petersburg, zijnde een van de mooiste steden in de wereld.
Dat is het niveau van het kind dat zit te zeuren: ik wij een ijsje!!!!!!!! Ik noem dat “gokhalargumentatie” dat als jij maar lang genoeg zeurt, dat jij dan je zin krijgt: nee dus.
Mijn teksten zijn weliswaar lang, maar zeker geen zes honderd pagina’s, en bovendien heb ik ze opgeknipt in zoveel als mogelijk kleine mini hoofstukjes, wat de leesbaarheid hoort te bevorderen. Het is bedoeld als een “geestelijk parelsnoer”. Met eenvoudigde voorbeelden als over IKEA.
Het is ook, net als ik probeer duidelijk te maken over het kind bij de cafetaria, niet bedoeld om u om de oren te slaan.
Maar als een vriendelijk, open verzoek, en het liefst voorafgegaan met “signaalwoorden” van dergelijke vriendelijke, open aard zoals “misschien”, of “waarom”; dus zou u misschien van deze informatie kennis willen nemen, en mocht u er onjuistheden in vinden, dan verneem ik graag waar en om welke redenen naar