Trakl, Sommer

Am Abend schweigt die Klage

Des Kuckucks im Wald.

Tiefer neigt sich das Korn,

Der rote Mohn.


Schwarzes Gewitter droht

Über dem Hügel.

Das alte Lied der Grille

Erstirbt im Feld.


Nimmer regt sich das Laub

Der Kastanie.

Auf der Wendeltreppe

Rauscht dein Kleid.


Stille leuchtet die Kerze

Im dunklen Zimmer;

Eine silberne Hand

Löschte sie aus;


Windstille, sternlose Nacht.


Je kan verschillende hobby’s hebben. Het leukste vond ik ooit tekstanalyses. Misschien vinden mensen dat nerdy, maar pech dan. Ik ging teksten van Tolstoy, Heidegger, de Bijbel analyseren. Ik analyseerde die teksten als tamelijk negatief.

Ik had ook een paar analyses gedaan van sommige andere teksten, ook van gedichtjes, van Emily Dickinson of Georg Trakl. Die waardeerde ik als positief. Het is eigenlijk te leuk om te doen, dus doe ik nu een analyse van het bovenstaande gedicht “zomer”


Algemene structuur

Als mensen gedichten of meer in algemeen teksten ontleden, dan springen ze vaak gelijk op de inhoud, maar het is soms handiger eerst de algemene lijn te ontdekken.

In dit gedicht zou je kunnen ontdekken dat de eerste 2x4 strofen vooral gaan over natuur en de tweede 2x4 strofen over een situatie bij mensen; er staat nog wel een kastanjeboom, maar die kan je ook vanuit het raam zien.


ACTIVA KANT VAN DE WERKELIJKHEID; NATUUR

A1 Am Abend schweigt die Klage

A2 Des Kuckucks im Wald.

A3 Tiefer neigt sich das Korn,

A4 Der rote Mohn.


A5 Schwarzes Gewitter droht

A6 Über dem Hügel.

A7 Das alte Lied der Grille

A8 Erstirbt im Feld.


PASSIVA KANT VAN DE WERKELIJKHEID, MENSEN

B1 Nimmer regt sich das Laub

B2 Der Kastanie.

B3 Auf der Wendeltreppe

B4 Rauscht dein Kleid.


B5 Stille leuchtet die Kerze

B6 Im dunklen Zimmer;

B7 Eine silberne Hand

B8 Löschte sie aus;


C Windstille, sternlose Nacht.

Maak er een schema van

Ik denk dat wat zich aan de kant van de natuur bevindt, zich weerspiegelt in wat zich aan de kant van de mensen bevindt.

Bijvoorbeeld heb je in A2 een koekoek, en in het equivalent B2 heb je een kastanjeboom.

En in A7-8 heb je een lied dat zich verstild in het veld, en in B7-8 heb je een hand die een kaars uitdoet.


Ik heb geprobeerd dit te vereenvoudigen; door een schema te tekenen, waar je kan zien dat wat zich in de natuur bevindt, zich weerspiegelt in onze menselijke natuur. Dit schema gaat uit van het boek van Genesis, maar het zit dus ook in dit gedicht


Bij Genesis is het aardige dat ze twee hoofdstukken spreken over natuur, Genesis 1 en 2, en dan twee hoofdstukken over mensen, Genesis 3 en 4.

Ik heb het vermoeden dat Trakl dit ook doet, eerst twee strofes natuurbeelden en daarna twee strofes over mensen. Het zijn er vermoedelijk steeds twee om goed het verschil te laten zien.

Als je het strikt formeel zou ontleden, zou je eigen strofe A1-4 kunnen herleiden tot een klein Genesis 1, en A5-8 is dan Genesis 2, B1-4 is dan Genesis 3 en B 5-8 is dan Genesis 4





Een bijzonderheid in het gedicht is de laatste, extra zin: Windstille, sternlose Nacht. Ik denk dat dit een soort “indicator” is die ik ook in mijn schema’s heb staan; je voegt een oranje lijntje toe.

Hier specifiek de indicator “licht”; hier is dat als je aan de Activa/ natuur kant iets lichts hebt staan, windstilheid, dan is jouw leven aan de Passiva / mensen kant ook licht, sternlose Nacht.



































Previous
Previous

Religie en ras

Next
Next

Magisch realisme