Heidegger en het christendom

Ik ben wel blij met de vorige tekst over Heidegger; lekker praktisch artikel waarin mensen kunnen zien hoe je zijn filosofie ook lekker praktisch kan toepassen; ik hoop dat ze wakker worden bij de rechtbank Amsterdam, maar ik was vandaag bij de rechtbank Zutphen en daar was niet iedereen wakker. De rechter en de medewerker van de Raad voor de Kinderbescherming wel trouwens, en de griffier en de bode; dus thanks very much.

Maar ik wilde nog even iets toevoegen aan de vorige Heidegger tekst, om te voorkomen dat ze hem toch weer aan de kant duwen en weer met iemand anders komen, bijvoorbeeld met Jezus. Daar is iets heel grappigs aan de hand, iets wat denk ik de meeste mensen niet weten.

De oude religies

Tegenwoordig gaan wij er misschien te snel vanuit dat religie een kwestie is van persoonlijk geloof of moraal. Maar dat is niet zo, in ieder geval niet met de Abrahamitische religies: Jodendom, Christendom en Islam. Voor mensen in deze culturen is religie geen kwestie van persoonlijk geloof of moraal, maar van een contract met de goden: jij gaat een deal sluiten.

De Romeinen hadden daar deze term voor: do ut des ("ik geef, opdat jij geeft"): jij moet iets aan de goden geven, een offer, en dan krijg je er genade voor terug.

In bijna alle oude culturen waren dat dieren, die je moest offeren. Als je kijkt bij de oude Joden: dieren offeren in een tempel. Als je kijkt bij de Romeinen: dieren offeren in een tempel. Als je kijkt bij de oude Chinesen: dieren offeren in een tempel. Dus allemaal precies hetzelfde. Als de Joden zeggen dat zij dit hebben uitgevonden: onzin, dat deed iedereen in die tijd. In Jeruzalem waren de straten overgoten met bloed van al dat offeren en in Rome ook en in China net zo. Het enige verschil is dat Chinezen dan weer ook honden offerden: typisch China.

Dit is allemaal tamelijk rigide. Maar de algemene gedachte was dat de goden tamelijk boze types waren, die jou bloed wel konden drinken als je een misstap maakte; dus moest je ook bloed offeren: als je de goden bloed geeft, dan hoeven ze spreekwoordelijk “jouw bloed niet meer te drinken”.

Op gegeven moment werden de mensen dat dieren offeren echter wel een beetje beu: je hele veestapel gaat eraan. Bovendien gingen mensen steeds meer in steden wonen: waar haal je dan dieren vandaan. Het was allemaal onhandig. Ook was het een beetje vervelend dat je zogenaamd je dieren gaat offeren aan god, maar in feite doe je dat aan priesters, die er elke dag barbecuefeest van maakten. En een tempel was ook niet echt een prettige plek om te komen: in feite gewoon een groot slachthuis met schreeuwende dieren. Maar dan niet op een industrieterrein maar midden in de stad. Het gevolg: enorm kabaal midden in je stad van al die angstige schreeuwende dieren, enorme stank, allemaal vliegen en ongedierte die daarop afkomt: bah bah en nog eens bah.

Dit moesten ze allemaal nog tolereren, want ja, je moet natuurlijk niet de goden boos maken. Dus dit namen ze dan maar voor lief. Maar op gegeven moment ging het ook wel echt mis met deze praktijken: de mensen begonnen namelijk te merken dat de hele economie eraan ging. Dat was ook overal hetzelfde: de economie van de Romeinen stond onder druk door al dat moeten offeren, de economie van de Joden kwam onder druk te staan, de economie van de oude Chinezen kwam onder druk te staan: dit kost natuurlijk nogal wat, al die dieren offeren, en mensen moesten zelf ook eten. Toen begonnen de mensen ook een beetje wakker te worden: als door de offerpraktijk de economie eraan gaat, dan is het offeren van dieren misschien toch niet nodig, want de goden zouden toch niet willen dat de cultuur van “hun” land naar de knoppen gaat.

Je ziet vervolgens dat mensen deze dierenoffers gingen vervangen door een symbolisch offer: dat is een stuk goedkoper. Zie bijvoorbeeld brood en wijn in de RKK. Die dienen als een 'stand-in', als symbool van het vlees en bloed van Jezus. Je moet er alleen een liedje bij zingen en de priester moet er een paar keer mee in de lucht zwaaien; dat is bedoeld om Jezus spiritueel 'tot leven te wekken' om de functie van een offer te vervullen. Als de christenen denken: daarin zijn wij uniek, nee hoor. In China deden ze precies hetzelfde. Toen de mensen daar gingen merken dat hun economie naar de knoppen ging, hebben zij ook de dierenoffers eruit gedaan, en gingen zij ook symbolische offers invoeren. Alleen de vorm is anders. Zo hebben de Chinezen het offer van een hond van takken ingevoerd: geen echte hond, maar een symbolische. En tegenwoordig verbranden ze bijvoorbeeld briefjes nepgeld.

Mocht u denken: holy shit, is dat wat ze in de religies doen, lijkt mij tamelijk maf: u zegt het. Maar er is ook een fundamenteel probleem: het is allemaal materialistisch: eerst ben je dieren aan het offeren, en nu dingen. Maar dat is allemaal bezit; bezittingen. En zelf word je daar helemaal geen beter mens van. Ik heb hier een lamp in de kamer staan: op welke manier word ik een beter mens als ik die opoffer.

Heidegger zei in feite: dat is allemaal onzin, nu gaan we dat even anders doen, dit offeren van dieren of van brood of van wijn is een belediging voor mijn intelligentie. Ik ga een ander iets offeren: een vraag. We “gaan de zijnsvraag op tafel leggen”: dat is ook een soort offer, maar geen ding dus, maar een vraag. Dus in plaats van bij de RKK een glas wijn en brood op tafel leggen, leg jij een vraag op tafel.

Misschien denken mensen: wat is dit nu weer, een vraag is toch geen ding, kan je toch niet op tafel leggen. Maar ik zal uitleggen hoe het werkt.

Stel je voor dat jij een probleem hebt, stel je voor jouw land wordt overspoeld met asielzoekers. Dan zou je volgens de oude cultuur naar de tempel moeten om een schaap te offeren. Reken er maar op dat dit geen ene donder uitmaakt: die mensen blijven komen. Jammer dan, denk jij dan, maar dan herinner je je Jezus, en denkt: oke, dan ga ik niet naar de tempel een dier offeren, maar dan ga ik naar de kerk brood eten en wijn drinken want dat is het offer van Jezus. Nogmaals, reken er maar op dat er geen asielzoeker minder om komt; eerder nog meer, want mensen uit landen als Afghanistan of Iran kunnen zeggen: ik heb mij bekeerd tot het christendom, en daarom vraag ik asiel, want dat mag niet in mijn land. In theorie kan het hele Midden-Oosten deze kant op komen met deze argumenten.

Als je dan Heidegger inzet, dan zegt hij: oke, laten we de zijnsvraag op tafel leggen. Dat betekent vragen stellen over dit probleem en dan specifiek vragen met het woordje “zijn” of “is” erin: bijvoorbeeld waarom is (!) dit asielzoekers probleem ontstaan. Dan zegt er misschien iemand: dat is (!) omdat wij niet aan triage doen, geen selectie aan de poort, iedereen kan hier maar vrij binnenwalsen. Dan vraagt de ander: is (!) er dan bij Aanmeldcentrum Ter Apel geen triageloket. En dan zegt de derde persoon: nee dat is (!) daar niet, dan zegt de vijfde: is (!) dat niet hartstikke stom, en dan zegt de zesde: ik heb een bouwbedrijf ik zorg dat morgen dat loket daar is (!) en de zevende zegt: ik kan zorgen dat het ook te zien is (!) op internet; je kan er gewoon bijzetten: nutteloos om je te bekeren tot het christendom, het is (!) toch allemaal een pot nat met die oude religies, ik stuur je een boek van Heidegger, daar leer je meer in een uur, dan in tweeduizend jaar christendom.

De christenen zijn natuurlijk ook niet helemaal dom, en die kunnen zeggen: nou nou, wij weten ook wel wat hoor. Maar die stellen vragen van type “hebben”: wij hebben Jezus, heb jij geloof, heb je de kerk bezocht, heb jij een Bijbel, heb jij als vrouw wel een rok aan, heb jij Jeruzalem of Rome bezocht. Volstrekt nutteloze vragen. Heidegger werd er echt nijdig van: je beschouwd alles materialistisch, allemaal “ding” vragen, geen zijnsvragen, waar je oplossingen mee bereikt. In feite vragen van het type: wij hebben een probleem, ja ons land heeft teveel instroom van asielzoekers, ja wij hebben veel AZC’s moeten bijbouwen. Nutteloze constateringen van het type: ik sta erbij en kijk ernaar. Ze kunnen nog zeggen: nou, maar wij hebben ook nog wat meer hoor: wij hebben de Bijbel, daar staan alle antwoorden in. Ik kan u voorspellen: forget it. Dit boek is namelijk nogal materialistisch en gaat ook alleen maar over hebben. Dan kan je zeggen: je moet je naaste helpen, dus je moet veel asielzoekers toelaten, en zeker de bekeerlingen; maar dan zeggen ze maar je moet er ook niet teveel van hebben. Maar niemand gaat analyseren wie eigenlijk nu echt asiel nodig hebben

Ik kan het ook nog toelichten met een ander gek voorbeeld. Neem de rechtszaak tegen Chris Jude, die ik in het vorige artikel alvast heb doorgelicht. Die man wordt veroordeeld, misschien gaat het toch nog goed met de rechtszaak, tenzij de rechters zich in de luren laten leggen, waar nu wel indicaties voor zijn, maar laten we hopen op een goede afloop. Maar stel dan dat die man denkt, in de gevangenis: ik bekeer mij tot het Christendom. Of misschien is hij al wel bekeerd, gelet op de voornaam die hij gekozen heeft. Dan denkt hij: dan ga ik naar de hemel, en gewoon gratis en voor niets. Stel als die studente, die hij vermoord heeft, geen christen was, dan gaat die naar de hel. Dus een vriendelijk iemand gaat volgens hen naar de hel, en in de hemel zit een crimineel.

Bij Heidegger gaat dat heel anders: leg de zijnsvraag maar op tafel. Dan kan je vragen stellen zoals: is (!) dat niet maf, dat een vriendelijk iemand naar de hel moet en een duffe crimineel naar de hemel, stel je voor dat ik christen ben, dan ben (!) ik zodadelijk in de hemel maar dan zit die creep naast mij; is (!) dat hele idee van hemel en hel trouwens niet verschrikkelijk, het is (!) in feite hetzelfde dat jij in een goed huis woont en het huis van de buren staat in brand met de bewoners er nog in, want dat zijn geen christenen, maar jij gaat lekker door met feestvieren; is (!) dat niet omdat mensen die dit gemaakt hebben nogal materialistisch zijn, ze beschouwen je in feite als een “ding”, of als een plant, de ene plant je in de hemel en de andere in de hel, en zoek het maar uit; is (!) het ook niet zo dat Chris Jude eigenlijk verantwoording moet afleggen over zijn daden; is (!) het niet veel beter door hem als rechtbank voor te leggen: als jij geen verantwoording aflegt hoe jij echt heet, waar jij echt vandaan komt, en of jij daar wel of niet naar een dokter bent geweest met die klachten van jou; en is (!) het niet veel beter dat jij als rechtbank kan vragen waarom hij uberhaupt met een onbehandelde of tenminste niet uitbehandelde psychiatrische stoornis door de wereld gaat zwerven, als meneer kennelijk dondersgoed weet dat hij stemmen in zijn hoofd heeft; en is (!) het niet opvallend dat ze in het christendom problemen helemaal niet kunnen voorkomen, zijn (!) ze eigenlijk niet bezig problemen achteraf op een nogal goedkope manier goed te praten.

Ik kan natuurlijk niet met zekerheid zeggen of Heidegger het hele christendom kan wegblazen, samen met het jodendom en de islam. Maar als jij dit stukje “zijnsvraag op tafel leggen” vergelijkt met het christendom, dan is dat wel een potje intelligenter. Het is ook eigenlijk geen wonder: als jij een brood en een glas wijn op tafel legt, wat denk jij dat daar voor antwoord uit komt? Maar ik ben wel eens benieuwd, wat hiermee gaat gebeuren. Kijk, die oude offercultus ging eruit toen mensen gingen merken, dat hun economie eraan ging. Ik ben benieuwd of mensen nu ook de Abrahamitische godsdiensten eruit gooien, als zij merken hoe onintelligent die zijn: je hele land staat giga onder druk, en de beantwoording hoe je dit oplost moet komen uit een pratend brood en een glas wijn die calculaties moet gaan uitvoeren: een vreemde situatie.

Next
Next

Heidegger, de zijnsvraag; de rechtszaak tegen Chris Jude/ Judas, en ons asielbeleid