Gabriella (verhaaltje)
Ergens in februari 1918 werd een meisje geboren in het ziekenhuis van Dusseldorf, en de naam die ze van haar ouders kreeg was Gabriella; waar de achternaam Passmann aan werd toegevoegd.
Haar voornaam werd gewoonlijk ingekort tot Gabi. Als Gabriella mensen opgaf hoe ze heette van de achternaam, zei ze: met dubbele S zoals in SS en met dubbele N zoals in Nein. Hieronder deel ik wat wetenswaardigheden mee van haar leven: haar familie-afkomst, haar eigenzinnige meningen over van alles en nog wat, met name over levensvragen, haar moeite op school, en haar carriere binnen de Nazi partij.
Afkomst, Dusseldorf
Gabi groeide op in ongekende weelde. Haar vader had een groothandel in hout in Dusseldorf, omdat er in de jaren 1920 veel gebouwd werd, was er veel vraag naar hout. Het was ook de tijd dat mensen nog veel extra’s deden met hout, zoals paneeldeuren, luiken, verandas, en houten betimmering.
De familie woonde in een mooie villa in de stad, en had ook een kasteel in Nederland, in de Achterhoek gekocht, waar ze de zomers doorbrachten.
Oorspronkelijk was het door vader Passman en zoon Heinrich gekocht om er het bos te kappen, er stonden mooie hoge bomen langs lange lanen.
Toen echter ook vrouw Passmann met Gabi gingen kijken, zeiden zij: zijn jullie mannen nou helemaal gek, dit mooie bos kappen??!? Gabi leerde daaruit: soms moeten vrouwen echt mannen goed in de gaten houden, anders breken ze nog de hele planeet af.
Ondanks de materiele weelde, groeide Gabi op in bittere geestelijke armoede. Dat kon je op het oog niet zien, er stond een piano in huis met veel bladmuziek, en ze hadden allemaal belangrijke boeken in huis, Duitsers natuurlijk, en het liefst zware kost, zoals filosofie, want dat lijkt heel wat.
Nu is kennelijk het probleem van die boeken: ze staan er alleen om duur te doen, je moet ze eigenlijk niet lezen, want dan schrik je je een hoedje. Het probleem met Gabi was dat zij goed was in lezen, en werd helemaal gallig van de onzin die ze tegenkwam. Zo las zij bij Nietzsche: onheil is goed, daar word je hard van.
Dat was van een ongekende grofheid; natuurlijk is dat niet goed, zei zij dan, onheil is slecht, daar word je ziek van of je houdt er een trauma aan over.
Wat een domkop die Nietzsche, Neanderthalers! Ze kon daar helemaal in opgaan, en dan werden haar wangen rood, zodat de mensen dachten: ben jij verliefd op Nietzsche dat jij het daar steeds over hebt en je wangen rood kleuren? We zullen nog meer boeken van hem voor je kopen! Nee dus, het is juist het omgekeerde, maar de mensen geloofden dat niet.
Of ze keek naar de christenen, daar volgen ze ene Jezus die zegt: kruis dragen is goed, daar word je rijk voor beloond. Dat is in feite een variant op Nietzsche; gewoon hetzelfde. Foei!!!
Stoute Jezus, opvoeden moet je die primitivo’s, dacht Gabi; je moet gewoon zeggen: onheil is slecht, basta.
Maar Gabi zag wel: deze mensen zijn “doeners”; en “doeners” willen graag werken en hoe zwaarder hoe beter, vandaar dat kruis en dat onheil.
Denken kunnen ze niet, en niet alleen over de uitspraken van God, maar ook over diens bestaan.
Zo zegt Nietzsche aan het begin van zijn carriere: God is dood, wat gaan we doen!? Er vind helemaal geen “denkact” plaats of God nu wel of niet dood is: meneer gaat aan de slag, actie actie actie.
Dat is in feite de omgekeerde variant van Paulus, die in het boek Handelingen een visioen heeft van God, op de grond valt en zegt: wat moet ik voor U doen?
Daar vind ook helemaal geen “denkact” plaats of of hij daar wel of geen hallucinatie ziet: meneer gaat aan de slag: moven moven moven.
Hierbij was het opvallende dat Paulus God niet kon zien. Gabi had wel vaak dromen van God, ze zag Hem ook wel eens op straat in het volle licht.
De omstandigheid dat dit bij Gabi anders was, bracht haar tot de gevolgtrekking: ik ben misschien geen doener, maar een denker
Doeners kunnen de hele kamer vol boeken zetten en dan denken ze misschien dat ze veel weten, maar het lijkt alleen maar zo: een kamerscherm voor het afschermen van hun onvermogen tot denken.
Voor iemand die wel nadenkt, is de situatie anders, en daar verschijnt ook God continu, en dat is vermoedelijk logisch. Voor iemand die nadenkt zijn het soort vragen naar het bestaan van God open; dat creeert een open ruimte, en vanuit die openheid kan Hij kennelijk ook verschijnen.
Als jij die vraag al van tevoren dichttimmert, of in bevestigende zin, of in negatieve zin, dan is er voor God kennelijk geen ruimte, en zul jij Hem ook nooit zien. Dat is logisch eigenlijk; een gedachte van een zeldzaam lucide helderheid waar Gabi zelf om moest grinniken.
Zij dacht ook: de aanwezigheid van al die zware boeken kon wel eens een grote hindernis zijn, om ooit God te ontmoeten. Als mensen al een kans maken om God te ontmoeten, dan helpen ze dat in een keer om zeep met al hun zware boeken.
Zo las Gabi in een boek over Augustinus, dat doodgeboren kinderen direct naar de hel moeten worden afgetransporteerd, want zij hebben helaas geen doopbewijs van meneer pastoor kunnen krijgen.
Gabi dacht: geen wonder dat niemand van de RKK Kerk ooit God heeft ontmoet, je hoeft maar zo’n boek in huis te halen, en God zal wel uit de buurt blijven! Deze Augustinus is een soort heks uit Hans en Grietje.
Hetzelfde met Luther, die schreef of het een goed idee was of geestelijk en lichamelijk gehandicapte kinderen moeten worden verdronken in de Elbe, iets wat tenauwernood voorkomen werd, doordat de graaf van zijn regio dat verbood: ho ho Luther, niet zo doordraven.
Gabi dacht: je hoeft maar een straat in jouw stad naar Luther te vernoemen, en dat zijn er hier in Duitsland nogal wat, en God gaat daar met een grote boog omheen.
Het opvallende was dat het steeds om kinderen gaat, ook in de Bijbel zelf, bijvoorbeeld bij het offer van Isaak; en ook dat werd tenauwernood voorkomen, en niet bepaald omdat het aan God of aan Abraham lag, maar door een engel.
Gabi dacht: kerels, je moet zein de gaten houden, net als met mijn vader en Heinrich destijds, maakt niet uit of ze God of Abraham heten; ze slopen de boel, en het gaat allemaal maar net goed.
Maar, dacht Gabi, bij mij is dat anders; God bestaat bij de gratie van de ruimte die ik openlaat door de open vraag te stellen: bestaat U wel? In plaats van dat dicht te timmeren met voorgekookte antwoorden.
Dus de ruimte voor twijfels is maximaal, maar daarin verschijnt Hij. Tegelijk is bij mij de ruimte voor het doen van kwade dingen niet maximaal, zoals in de Bijbel, maar minimaal.
In de Bijbel is de ruimte die ze voor Hem openlaten Zelf te verschijnen minimaal, want ze weten het toch allemaal precies of Hij wel of niet bestaat, en gewoon open uit je ogen kijken is er niet bij
Tegelijk is de ruimte voor kattekwaad maximaal, want je ziet dat ze in de Bijbel mensen God allerlei kwaad toeschrijven, zoals het vervloeken van mensen, de ene zoon voortrekken boven de ander, slavernij legitimeren
De interactie is daar ook afwezig. God gaat zitten in een brandende boom, hoe kan je nu zo rustig overleggen; en in het Evangelie loopt Jezus raadsels te verkondigen.
Gabi zei: waarom kunnen jullie niet gewoon met God praten, en ook anders dan Paulus doet. Als God aan Gabi verscheen, dan slaat ze niet gelijk op slot in de trant: wat moet ik voor U doen? Maar zij zei: wat komt U doen?
Paulus reageert vanuit de angst van zijn kortzichtigheid, maar als je open minded bent, is er ook ruimte voor vragen stellen.
Er is zelfs ruimte voor kritiek. Toen Gabi een keer onderweg was, kwam God langs, en zij reageerde in de trant: zeg kan je niet aan de kant, anders kom ik nog te laat voor school, je houdt me op.
Toen zij echter opzij keek, zag zij dat een auto van de weg raakte en tegen een boom knalde: toch hartelijk bedankt dus, dat die auto mij niet geraakt heeft.
Op school
Op school kon Gabi moeilijk meekomen. Je werd gedrilld en moest eindeloos supersaaie sommetjes herhalen: 4x31, 5x66, 12x8, en dat hele pagina’s vol.
Gabi dacht: door die sommen word je niet echt slimmer, het enige wat erin wordt geramd is discipline, want je moet wel over een ijzeren wil beschikken, om dit doen van saaie sommetjes elke dag vol te houden.
Wanneer leren we hier eens een keer wat leuks, waarom niet bijvoorbeeld de namen van de bomen, ik kan nog geen beukeboom van een els onderscheiden.
Waarom gaan we niet in het bos wandelen en blaadjes verzamelen? Of paddenstoelen in de herfst, dan kunnen we leren welke je kan eten.
De geschiedenisles leek meer belovend, maar dit kon volgens Gabi worden samengevat in de eenvoudige regel: de Duitsers doen alles goed en alle anderen zijn slecht. Dat is natuurlijk niet waar, maar voor nuance was geen ruimte; logisch, bij de niet open-minded medemens is er geen ruimte voor extra dingen.
Dit alles met uitzondering van Griekenland, die werden ook opgehemeld. Gabi vergeleek dit met de Joden en Ruth; alle anderen waren slecht, je mocht er niet mee trouwen zeiden de Joden, anders was dat Rassenschande, maar uitzondering was meisje Ruth, een Moabitische, en “dus” zijn wij Joden heel ruimdenkend.
Dit deed Gabi bedenken dat mensen zich mooi voor de gek hielden; ze doen net alsof ze ruimdenkend zijn, maar in feite zijn ze kortzichtig. Er kan nog net een enkele uitzondering vanaf, en dan niet omdat ze echt van Griekenland houden, maar omdat ze anders geen excuus voor zichzelf kunnen gebruiken.
Dus als de Duitsers alle andere landen gaan afkraken, dan kan je zeggen: doe eens een beetje vriendelijk, niet zo die andere mensen afkatten. Dan zeggen ze: ow, ja shit, of Scheisse, we zijn wel een beetje onvriendelijk, moeten we even snel een land vinden waar we wel positief over kunnen zijn, anders hebben we geen excuus, en ja oh, liefst een land uit een ver verleden, niet een echt land natuurlijk; dus we weten het al, we kiezen Griekenland, we zijn ook vriendelijk voor Griekenland, dus wij zijn heel ruimdenkend; pffff, alsof alleen Griekenland je ruimdenkend maakt.
Gabi stelde hiermee vast dat deze mensen een soort “magisch-realisme” aanhangen, dat weinig met objectieve realiteit te maken heeft; en dat mogelijk hun christelijk geloof dezelfde signaalfunctie had: wij geloven in een God, “dus” zijn wij heel ruimdenkend maar als je in feite vraagt: heb je God ook gezien, krijg je steevast een “nee” te horen, dus word je hier genept.
Dit is alleen geloof op papier, als jullie echt ruimdenkend waren, konden jullie Hem ook zien, net als ik, dacht Gabi. Hij zag er trouwens vrij normaal uit, gewoon een nette man van ongeveer dertig jaar; niet zo’n oude sok als bij de Joden.
Maar soms ook als vrouw; dat kan wisselen. In de Bijbel zeggen ze: God is geen man maar ook geen vrouw; ja, dan ben je weer niet open-minded en timmer je alles dicht, geen wonder dat Hij dan niet komt; je moet dat open laten en dan zal je zien dat Hij soms als man kan komen en soms als vrouw.
En je kan gewoon met Hem praten, en dat Hij jou ook echt helpt, bijvoorbeeld als je in gevaar bent door die auto.
Gabi dacht ook aan mensen die ziek zijn, zelfs moeders, met jonge kinderen. Ze dacht: waarom vragen jullie God nu niet gewoon “waarom moet dat, dat die moeder zo ziek is”.
Als je dat nu gewoon vraagt, dan creeer je ruimte voor een open gesprek, en dan zal God zeggen: ja, zou ik niet weten, er is eigenlijk geen goede verklaring waarom een moeder van jonge kinderen zou moeten sterven, dus maak ik die persoon maar weer beter; maar je moet Hem wel die ruimte geven, anders doet Hij dat niet.
Of stel vragen over de herkomst van het bestaan; misschien dat Hij dan zegt: weet je, waar moet je intelligentie anders laten, dan in mensen; en waar moet je mensen anders laten, dan in een wereld; logisch antwoord.
De meeste mensen zijn “doeners”, die gaan niet zeggen waar moet ik intelligentie anders laten; die gaan over God denken dat Hij gewoon de wereld gaat maken, “zomaar”, alsof dat geen enkele reden heeft.
Het Nazi regime
In de jaren dertig kreeg je de Nazi’s aan de macht, en die stelden de Neurenberger Rassenwetten op. De Joden klaagden daarover: nu mogen we niet meer in het park, dan mogen we niet meer in de bus.
Gabi had daar haar eigen gedachten over. Zij had anders dan de andere Duitsers geen intrinsieke hekel aan Joden, maar dacht wel: dit hebben jullie zelf uitgevonden, van die Rassenschande, met je meisje Ruth; dan moet je niet klagen dat anderen dit ook gaan toepassen: eigen schuld, dikke bult, moet je maar niet zo dom doen. Niemand van de Joden leek over voldoende zelfreflectie te beschikken, om te zeggen: shit, dit hebben wij oorspronkelijk uitgevonden.
Omgekeerd had Gabi een wat merkwaardige gedachte over de Nazi’s: die deden alsof ze de Rassenwetten zelf hadden uitgevonden, maar, dacht Gabi, dat hebben jullie toch gewoon van de Joden overgenomen, die zijn daar ooit mee begonnen. Ook de Duitsers zelf waren dus niet echt aan het opletten.
Deze gedachten waren niet heel gebruikelijk, zodat Gabi bij zichzelf te rade ging, wat hier nu eigenlijk weer aan de hand was. Ze kwam daar niet achter, tot ze in de middelbare school economieles kreeg.
Bij economier kreeg je ook balanslezen. Dat was iets wat rond 1500 door een Italiaan was uitgevonden. Gabi dacht: oh, nou, die man was in ieder geval een stuk slimmer dan Nietzsche, jammer dat hij dood is, anders wilde ik wel met hem daten.
Bij balanslezen leer je dat wat aan de Activa kant staat, ook een tegenhanger heeft aan de Passiva kant en dat bestaat uit schulden. Als je dan aan de ene kant de Joodse Rassenwetten neerzet, dan krijg je aan de andere kant “eigen schuld” als anderen ook Rassenwetten gaan maken en wel tegen jou.
Maar als jij bijvoorbeeld als de Nazi’s je de hele tijd tegen de Joden aan het afzetten bent, dan krijg je aan de andere kant “vreemd vermogen” op de balans, namelijk dat je steeds meer van de Joden gaat overnemen.
Op dezelfde manier als de Romeinen vroeger deden, dacht Gabi. Ze hadden de tempel in Jeruzalem afgebroken, en brachten de stenen naar Rome, om daar het Colosseum van te bouwen; en op dezelfde manier gingen ze het Oude Testament afbreken, en van de tekstdelen het Nieuwe Testament maken. Zo kregen ze steeds meer “vreemd vermogen” op de balans.
Dat is niet een heel slimme manier van balanslezen. Je kan dat ook anders aanpakken. Zo bedacht Gabi, kan ze zichzelf op de balans kan zetten; als ik mijzelf aan de ene kant van de balans zet en ik ben ruimdenkend, dan bestaat er aan de andere kant ruimte voor het feitelijk bestaan van God, hatsekidee wat is economie leuk.
Als ik dan ook op de balans zet, dat de ruimte voor het kwaad minimaal is; dan krijg je aan de andere kant dat Hij kadootjes meebrengt: hoe leuk is dat.
Bij jullie is dat anders. Jullie zetten allerlei theorieen in de wereld wie God allemaal wel of niet is, dus zie je Hem nooit hoe Hij echt is.
En jullie verzamelen alle kwaad in de wereld en stoppen dat in een boek, en dan moet je ook verwachten dat je een boel kwaad op je dak krijgt
Kantoorwerk
Met deze gedachten ging Gabi solliciteren bij de Nazi partij, en wel bij het hoofdkantoor, het Reichssicherheitshauptamt, RSHA, voor een baan als secretaresse. Zij zag de bui al hangen: dit gaat fout daar zodadelijk.
Mensen zijn van de zekerheid dus met dezelfde stelligheid als waarin zij zeker weten dat God wel of niet bestaat, geloven zij in hun eigen goedheid, en de verdorvenheid van anderen.
Gabi dacht: ik stap hier binnen, misschien dat ik kan meeliften op hun succes, maar ze op tijd bijsturen; voordat ze, net als die auto die tegen de boom knalde, met Duitsland van de weg raken.
En misschien kan ik ook goede dingen doen; want dat ik God zie is een ding, maar het is een beetje zielig als mensen Hem niet kunnen zien. Weliswaar gelooft een deel van de mensheid in Hem, maar niet in de goede
De Joden hadden een ruimte in de tempel van Jeruzalem, het heilige der heiligen, waar God zou kunnen wonen, maar die ruimte was leeg. Geen wonder met die gekkigheid waar ze mee bezig waren.
Maar als je je land netjes zou maken, zou God daar wel kunnen wonen, en dan kunnen andere mensen Hem ook zien. Het land moet dan misschien wel groot genoeg zijn, en ook goed ingericht.
Je zou je kunnen voorstellen dat er minimumvoorwaarden zijn om als individu God te kunnen zien, zoals open-mindedness, en dat niet iedereen dat heeft misschien; maar als het land groot genoeg is, dan kunnen de mensen als collectief misschien ook God zien, namelijk omdat Hij daar komt wonen.
Dit gaf haar een enorme drive, om zich bezig te gaan houden met politiek. Bij het RSHA ontmoette ze veel nieuwe mensen, vaak nog vrij jong, die heel snel carriere hadden kunnen maken door ook mee te liften op het succes van de nieuwe partij. De baas van het RSHA was Himmler, die in feite ook van eenvoudige afkomst was, maar inmiddels zo’n status had, dat hij haast onbereikbaar was
Maar een RSHA heeft ook gewone medewerkers nodig, zoals secretaresses. Gabi ging solliciteren naar die baan, en kwam in een kamer met elf andere kandidaten; ze dacht: oei, dat is een kleine kans; maar ze werden op een na, een truttebel, allemaal aangenomen want ze hadden echt veel mensen nodig.
Meneer Brunner
Gabi was onder de indruk van de organisatie die Himmler had opgezet. Hij reed rond in een cool uniform, en een grote Mercedes: dat maakt indruk. Hij had de SS opgezet, en die mensen hadden allemaal van die coole uniforms.
Maar Gabi wist van haar vader en Heinrich: het is wel oppassen met die kerels, je moet ze als vrouw soms bijsturen.
Ze wist eigenlijk niet hoe ze dat moest aanpakken: hoe moet je deze mensen bijsturen? Maar ze had wel toegang tot het briefpapier van de organisatie, en ze dacht: als ik af en toe zelf een brief schrijf, maar niet te vaak, tussen alle andere, kan ik misschien de koers iets bijsturen. Ik stuur de brieven naar Hitler of Himmler; en ik kan nog kiezen welke afzender ik eronder zet; desnoods verzin ik iemand.
Ze keek op de kaart van Rusland, bedacht dat daar ook Duitsers woonden, een aantal in Oekraine: dan wordt het meneer Brunner, speciaal gedelegeerde van het ondergronds Duits verzet in Oekraine
De keuze voor Rusland was omdat Hitler de suggestie gaf, dat hij dat land wilde gaan aanvallen. Gabi kon moeilijk verklaren, hoe zij door kon hebben dat dit het geval was, hoewel het nog in de toekomst lag; het was kennelijk ook een van de bijzonderheden die haar overkwamen.
In eerste instantie was het niet nodig in actie te komen. Duitsland ging Sudetenland inlijven, en delen van Polen: weinig aan de hand. Daarna gingen ze ook Nederland, Belgie en Frankrijk aanvallen.
Vooral in dat laatste zag Gabi het genie van Hitler. Ze hoorden dat anderen zeiden dat het gevaarlijk was om Frankrijk aan te vallen, omdat dat land flink had tegengevochten in WW1. Maar dat zegt natuurlijk niets, je moet niet naar het verleden kijken maar naar de toekomst: hoe staat hun leger er nu voor.
Je kan ook een stukje psychologie toepassen: de Fransen waren in WW1 helemaal murw van het vechten, je kan erop rekenen dat ze deze keer geen energie meer hebben om terug te vechten; terwijl Duitsland juist het gevoel had, dat ze de vorige keer kansen hadden laten liggen.
De eerste keer dat Gabi echter zag dat er iets mis was, ontstond toen Duitsland een groot deel van Frankrijk bezet hield, waaronder de hele Atlantische kust. Dat was problematisch. Dus moest “meneer Brunner”, speciaal gedelegeerde van het ondergronds verzet van Oekraine, in actie komen en een brief sturen. Hij schreef:
L.S.
Mijn opdrachtgevers hebben de eer u te begroeten en de volgende kwestie voor te leggen in het belang van de Duitse gemeenschap in Oekraine. Wij hebben met genoegen uw overwinning in Frankrijk vernomen.
Uw visie hierover is ongekend, door te zien waar hun zwakke plekken zitten. Deze visie viel ons al op bij het lezen van Mein Kampf. Direct al in het begin, waar u schrijft dat u afkomstig bent uit Braunau am Inn, een plaats op de grens van Duitsland en Oostenrijk, en dat u niet kon snappen waarom er twee Duitslanden zijn: onlogisch, een dergelijke vorm van gebrek aan logica doet pijn aan de ogen.
Wij hebben echter kennisgenomen van het besluit om het gehele westelijke deel van Frankrijk bezet te houden; en niet slechts gebieden in het oostelijke deel van Frankrijk zoals Elzas-Lotharingen. Tevens hebben wij begrepen dat u aan de westelijke kust een Atlantikwall gaat bouwen.
Dit baart ons zorgen. De vorige oorlog heeft Duitsland verloren, omdat ze zowel in het Westen moesten vechten, als in het Oosten.
Als ze dat nu weer doen, gaat het weer mis. En dan betekent “vechten” niet alleen actief vechten, maar ook “land bezet houden” want dat kost ook veel militairen, die je natuurlijk dan niet kan inzetten in het Oosten.
De concrete schattingen zijn dat u voor een aanval op Rusland ongeveer 4.000.000 militairen nodig heeft wat overeenkomt met de omvang van het Heer.
Als er daarvan 1.000.000 aan de Atlantikwall stationeert, komt u er dus 1.000.000 tekort en zitten wij zodadelijk zonder redding.
Het bijzondere is hoe het kan dat iemand met zoveel visie, zo’n inschattingsfout maken. Ons vermoeden is, dat deze inschattingsfout niet komt van u zelf, maar van mensen uit uw omgeving
Ons vermoeden is de volgende: ze zitten in Parijs en vinden dat zo leuk, dat ze er niet meer weg willen; met als gevolg dat u een hele Atlantikwall moet bouwen, alleen opdat een paar verwende soldaten, die misschien voor het eerst eens in het buitenland zijn, aan de Champs Elysees glaasjes port kunnen drinken met Franse dames.
U bent met serieuze zaken bezig, maar mensen zijn van nature “feestnummers”; en na een eerste overwinning is de discipline bij sommigen natuurlijk zo weg, helemaal als ze in Frankrijk zitten.
Hoogachtend en met trouw, Brunner
Het effect van brieven sturen
Wat Gabi niet kon weten, maar alleen maar kon vermoeden, was dat naar aanleiding van de brief van “Brunner” er in de avond er een telegram uitging van Hitler naar Himmler en Heydrich, voor spoedoverleg. Dit overleg leidde er op zijn beurt toe, dat er missieven uitgingen naar de mensen op de grond in Frankrijk, om daar ook nader overleg te voeren, en een gewijzigd beleid in te voeren.
Dit beleid hield in dat Duitsland zich zou teruggrekken uit de meeste Franse gebieden, met uitzondering van Elzas-Lotharingen en een deel van Noord-Frankrijk, en dat Frankrijk daarvoor in de plaats neutraliteit moest garanderen.
Het opmerkelijke hierbij is dat je met een enkele brief, zo’n gigantisch effect kan genereren, waardoor je de hele politieke ontwikkeling van Europa bijstuurt.
Het moet wel ook gezegd worden, dat je wel over een buitengewone portie geloof moet beschikken, om uberhaupt zo’n effect vooraf voor mogelijk te houden, anders hoef je niet eens te beginnen met schrijven, nog los van de brutale toon van de brief. Misschien dat iemand anders het niet had gedaan, maar Gabi had al van jongsafaan bijzondere ervaringen, dus waarom zou dit ook niet kunnen.
Een tweede keer moest zij in actie komen, toen Hitler besloot om voor de inval nog even Italie te helpen, die Griekenland wilde veroveren maar ze kregen dat niet voor elkaar; en bondgenoten helpen elkaar, toch? Tenzij je meneer Brunner heet.
L.S.
Mijn opdrachtgevers hebben de eer u nogmaals te begroeten en de volgende kwestie voor te leggen in het belang van de Duitse gemeenschap in het Oosten. Wij hebben met genoegen uw beleid in Frankrijk gezien, fijn dat u daar corrigerend bent opgetreden.
Wij hebben echter kennisgenomen van het besluit om Italie te helpen bij het veroveren van Griekenland.
Onze zorgen zijn daarover niet zozeer dat daarvoor veel soldaten nodig zijn, u hoeft er wellicht geen Atlantikwall te bouwen, maar het tijdsverlies dat daardoor optreedt.
Mijn mensen zitten in het Oosten en dat is erg ver, voordat u daar bent, bent u maanden verder; bovendien wordt het hier in de winter erg koud. Ik hoop dat u in de positie bent, dat de mensen in uw omgeving u niet steeds lastig vallen met vragen, terwijl u andere dingen te doen hebt.
Hoogachtend en met trouw, Brunner
Schaduwen in de werkelijkheid
Als je over straat loopt, en de zon schijnt, dan vallen er schaduwen; het kan ook zijn dat er in de schaduw een persoon staat, die je niet zo goed kan zien. In feite was Gabi zo’n schaduwfiguur, al heette die op het briefpapier Brunner.
Ze dacht, hoe het voor Hitler moest zijn, dat er een schaduwfiguur in de werkelijkheid zit. Zou hij het vervelend vinden? Zou hij nadenken waar die Brunner zou leven, of zou hem dat niet uitmaken, nu als gevolg van deze tweede brief de overwinning op Rusland was veiliggesteld?
Er waren nog wel een paar andere zaken die geregeld moesten worden, daarom was het goed dat Gabi nog steeds op het RSHA werkte. Zo had ze het vage vermoeden dat Hitler dacht dat de Russen een soort “indianen” zijn die je gewoon van hun land af jaagt, net zoals de Amerikanen had gedaan, of opsluit in reservaten
Maar dit is een cultuurvolk, die gaan zich natuurlijk niet zo aan de kant laten schuiven. Hier moet je dus genoegen nemen met wat anders, zoals Oekraine, waar meneer Brunner het de hele tijd al over had.
Dat kostte ook weer brieven, en deze keer meer dan een. Je kan zeggen, dat Gabi zo geconcentreerd bezig was met haar werk, dat ze helemaal zichzelf vergat. Ze had eigenlijk geen prive leven.
Dat kwam echter wel weer terug, alleen later; sommige dingen deed zij langzamer dan andere mensen.
[ wordt vervolgd]